Ingmar Heytze, Scooterdagboek

Scooterdagboek Beoordeling: 5 sterren

De Utrechtse dichter Ingmar Heytze lijdt aan hodofonie ofwel reisangst. Als gevolg hiervan verliet hij jarenlang zelden zijn woonplaats. Na tien jaar werd het tijd voor een doorbraak: de dichter nam motorrijles en haalde begin 2005 zijn rijbewijs. Met de mengeling van (zelf)spot en ernst die zijn werk kenmerkt, dot Heytze in ‘Scooterdagboek’ uit de doeken hoe hij zijn reisangst langzaam maar zeker van zich af weet te schudden, soms geholpen door het zingen van gospels in zijn motorhelm. Zijn belevenissen op het asfalt zullen een feest van herkenning zijn voor elke motorrijder, en een uitgestoken hand naar iedereen die zijn angst wil overwinnen.*

Ik ben en blijf fan van Ingmar Heytze. Niet alleen zijn dichtbundels (1, 2) zijn aanraders voor zowel beginnende als gevorderde lezers. Ook Scooterdagboek zou iedereen moeten hebben gelezen. En zoveel werk is dat niet: 105 bladzijdes in A5-formaat. De belevenissen op zijn scooter die hij beschrijft zijn alledaags en niet heel bijzonder, maar zijn natuurlijke omgang met de taal, het slechts sporadisch gebruiken van kunstgrepen en de humor die gedoseerd wordt verwerkt, maken de verhalen een lust om te lezen. Vijf sterren meer dan waard.

*Bron: Bol.com

Thea Beckman, Saartje Tadema

Saartje Tadema Beoordeling: 5 sterren

1712. De zevenjarige Saartje Tadema komt met haar broer terecht in het Burgerweeshuis aan de Kalverstraat in Amsterdam. Saartje is een slim meisje, dat dol is op lezen, maar in het weeshuis zijn nauwelijks boeken te vinden en als ze erom vraagt krijgt ze te horen dat ze dankbaar en gehoorzaam moet zijn en vooral niet moet zeuren. Zo worstelt Saartje zich door een aantal moeizame jaren heen, reikhalzend uitziend naar het moment dat ze het weeshuis mag verlaten. Als ze op een dag even weg mag voor een boodschap grijpt Saartje haar kans? ze weet een baantje te bemachtigen als dienstmeisje in de ‘Herberg-op-het-IJ’, een stadsherberg waar veel zeelui komen. Vanaf dat moment verandert Saartjes leven.*

In de brugklas heb ik veel gelezen van Thea Beckman en nadat Kruistocht in spijkerbroek toch wel een beetje tegenviel, was Saartje Tadema echt heel erg leuk. Het verhaal heeft veel minder een moraliserende ondertoon en de hoofdpersoon heeft wat meer psychologische diepgang. Toch is ook hier de wereldbeschouwing van de jaren ’70 door het verhaal heen te zien (feminisme, secularisatie, zelfstandige burgerzin). Waar me dat bij Kruistocht in spijkerbroek zo stoorde dat het het boek een ster kostte, is het hier aanwezig op een manier die literair-historisch wat toevoegt aan het boek, zonder te overheersen. Lezen dus!

*Bron: Bol.com

M. van der Land, Tussen ideaal en illusie

Tussen ideaal en illusie Beoordeling: 3 sterren

Op 14 oktober 1966 wordt in Amsterdam de Politieke Partij Democraten ’66 opgericht. In de loop der jaren ontwikkelt de partij zich van een radicaal-democratische vernieuwingsbeweging tot een gevestigde politieke partij. De geschiedenis van D66 kent sterk wisselende successen, maar bijna 37 jaar na haar oprichting laat het vaak voorspelde verdwijnen van de partij nog steeds op zich wachten. Maar hoe is D66 gedurende haar bestaan omgegaan met haar oorspronkelijke doelstellingen: radicale democratisering van politiek en samenleving, het doorbreken van de partijpolitieke verhoudingen en pragmatische, niet-ideologische politiek?
In dit eerste boek over de roemrijke geschiedenis van D66 komen alle hoogte- en dieptepunten van bijna 37 jaar van de partij aan de orde: het Initiatiefcomité, het Appèl en de glorieuze entree in de Nederlandse politiek, de kabinetsdeelnames in de jaren zeventig en tachtig, de historische verkiezingsoverwinning in 1994 en de vorming van het paarse kabinet. Maar ook de crisis in 1974, toen de partij op sterven na dood was, het verlies na de deelname aan de kabinetten-Van Agt II en III , het (tweevoudig) vertrek van partijleider Van Mierlo en de verkiezingsnederlaag van 2002 passeren de revue.*

Het proefschrift van Van der Land is zeer leesbaar en geeft een mooi beeld van D66. Bovendien levert het voor iemand die van na 1966 is een interessante inkijk in de historie van de partij.

De hoofdstukken twee t/m zeven beschrijven de geschiedenis van D66 in chronologische volgorde. Doorgaans weet Van der Land in stijl en inhoud een goede mix te maken van het overbrengen van de sfeer in de partij en het politieke landschap en wetenschappelijke distantie. Een wat minder hoofdstuk vormt hoofdstuk drie. Hierin worden veel parallelle gebeurtenissen beschreven die deels ook uit elkaar voortvloeien en deze worden pas door de samenvatting in de laatste paragraaf in een duidelijk kader geplaatst.
In het vierde hoofdstuk, op bladzijde 223 komt vervolgens een onvergeeflijke fout voor in het boek. Zonder enige voetnoot, onderbouwing of argumentatie schrijft Van der Land: ” […] en het duidelijk maken dat D’66 het beste van het liberalisme en het beste va de sociaal-democratie in zich verenigt.” Een zeer subjectieve opmerking die niets te maken heeft met de inhoud van het hoofdstuk en die mijns inziens in een proefschrift absoluut niet kan, zonder daar een opmerking bij of over te maken.
Wat de chronologische beschrijving van de geschiedenis met zich meebrengt is dat je als lezer meer en meer behoefte krijgt aan het trekken van conclusies, het leggen van verbanden, een hypothese, overtuiging van het gelijk van de historicus. Omdat Van der Land in de inleiding geen stelling(en) heeft geponeerd, is het erg wachten op het moment waarop hij wat gaat doen met de beschreven geschiedenis en dat is erg jammer. Het boek laat tijdens het lezen daardoor een wat ‘Reader’s Digest-achtige vluchtigheid indruk achter. Deze wordt in het achtste hoofdstuk wel degelijk goed gemaakt met enkele goede bespiegelingen en duidelijke conclusies, maar het zwaartepunt ligt wat mij betreft wat te veel bij het beschrijvende en wat te weinig op het laten zien van wat dat betekent**.
De beschouwing in het laatste hoofdstuk is een leuke toevoeging waarin we het meest van de schrijver te zien krijgen en hij op een veel ontspannener manier schrijft dan in de voorgaande vierhonderd bladzijden.

Erg storend zijn de vele taalfoutjes die over het hele boek verspreid voorkomen. Vaak zijn deze ontstaan bij wijzigingen in de formulering, maar ook doodeenvoudige typfouten die elke spellingchecker herkent, komen veelvuldig voor. Een van de opvallendste voorbeelden: een foto met vijf oud-fractievoorzitters van D66 met daaronder “vier fractievoorzitters”.

Een leuk boek, een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in D66 en zeker voor iedereen die binnen het partijkader van D66 actief is. Maar dit boek vormt voor mij geen sluitsteen in onderzoek rond D66, maar pas het begin.

* Bron: Bol.com
**Dit is precies de reden dat voor mij een wetenschappelijke carrière niet in het verschiet ligt en mijn masterscriptie niet leidde tot cu

Arthur Japin, “De overgave”

De overgave Beoordeling: 5 sterren

Texas 1836 – een groep jonge Comanche-indianen overvalt het fort van de pioniersfamilie Parker. Granny, de moeder van het gezin, moet toezien hoe haar kinderen en kleinkinderen worden ontvoerd. De vrouw overleeft het ondraaglijke op pure wilskracht.
Veertig jaar later krijgt de dan hoogbejaarde Granny, bezoek van Quanah, de aanvoerder van de door haar zo gehate Comanche. Hij is op weg om zich over te geven en zijn verslagen volk voor altijd in het reservaat te leiden. Hiermee wordt, na bijna vierhonderd jaar, de onderwerping van de oorspronkelijke bewoners van Amerika een feit.
De overgave vertelt het aangrijpende en onvoorstelbare leven van een vrouw die in het gevecht om haar kinderen en kleinkinderen uiteindelijk het machtigste wapen moet leren hanteren: vergeving.
De overgave, gebaseerd op historische feiten, is een roman van hoop, wraak en nietsontziende liefde.*

De overgave is een magistrale roman van een fantastisch schrijver. Met het verhaal van Granny Parker schrijft Arthur Japin opnieuw een roman gebaseerd op historische gegevens. En opnieuw een roman over een personage dat buiten de mensheid lijkt te staan. Bij het zien van een dier dat van de kudde is weggeraakt en in zijn eentje over de vlakte loopt wordt dit expliciet symbolisch weergegeven.

Het verhaal van Granny is niet alleen spannend door wat er gebeurd, maar ook door de manier van schrijven van Japin. Zijn zinnen zijn mooi, zonder erg complex te worden en de vele vergelijkingen, beelden en symbolen maken dat de betekenis van het verhaal duidelijk op de lezer wordt overgebracht. De mooiste citaten heb ik in mijn Mooie zinnenboek heb ik er enkele opgenomen (1, 2, 3, 4).  Toch gebeurt dit alles niet zo oppervlakkig of expliciet dat het voor een wat geoefender lezer saai wordt om te lezen. Een aanrader voor iedereen!

*Bron: flaptekst “De overgave”

Jan Siebelink, “Knielen op een bed violen”

Knielen op een bed violen Beoordeling: 5 sterren

‘Ik ben altijd bang geweest om het complete verhaal te vertellen: het geleidelijke maar onstuitbare afglijden van een zachtaardig maar in zijn jeugd verwond man – vluchtend in het zwartste calvinisme – én het verdriet dat hij in zijn naaste omgeving veroorzaakt.
Het is ook het verhaal van een grote liefde. Een man en een vrouw: de een wil overleven in het hiernamaals, de ander in het nu.’*

Knielen op een bed violen is een prachtig boek van een fantastische schrijver. Het verhaal zit mooi in elkaar en Jan Siebelink heeft geen angst om de clichéscènes als ‘hoe krijgen ze elkaar’ over te slaan. De uitzichtloosheid en treurnis sluipen langzaam in het verhaal en waar ik me in het begin nog enigszins kon identificeren met Hans, slaat dat langzaam om en snap je die man totaal niet meer. Alles aan deze roman klopt: het verhaal, je gevoel als lezer, structureel en technisch; prachtig, gewoonweg prachtig! Eigenlijk meer dan vijf sterren waard.

*Bron: brief van de auteur aan zijn uitgever

Chris van Abcoude, “Pietje Bell”

 Beoordeling: 5 sterren

Pietje Bell… de naam alleen al roept het beeld op van een belhamel, een jongen die de ene ondeugende streek na de andere uithaalt. Sinds het verschijnen van de eerste uitgave hebben onnoemelijk veel kinderen, en voor hen hun ouders, genoten van de verhalen over deze jongen, die altijd kattenkwaad moest uithalen.*

Pietje Bell is een ontroerend boek waarin Chris van Abcoude de belevenissen van Pietje op zo’n manier beschrijft dat je als lezer grote sympathie voor hem krijgt. Hoewel Pietje allerhande zaken uithaalt en daarbij altijd de schuld buiten zichzelf legt, ga je als lezer snel in zijn redenering mee. Door de relatie die Piet heeft met zijn leraar in de tweede klas en zijn tragische overlijden groeit die sympathie alleen nog maar.
Daarnaast is Pietje Bell ook literairhistorisch leuk om te lezen. Het taalgebruik van Van Abcoude en de traditie van boeken met een ondeugend kind dat toch de sympathie van medepersonages en lezer verwerft (Dick Trom, Jip en Janneke, Stijfkopje) maken dit boek een aanrader.

*Bron: Bol.com

“Memoirs of a gheisha” (regie:Rob Marshall)

5 sterren

Memoirs of a Geisha, winnaar van drie Oscars (beste cinematografie, beste kostuumontwerp en beste art direction) is het verhaal van één van de grootste geisha’s die ooit in Japan geleefd heeft, naar de wereldberoemde bestseller van Arthur Golden. In de jaren voor WOII wordt een 9-jarig meisje van haar familie gescheiden en verkocht aan een geishahuis in Kyoto. Hier is ze het mikpunt van de grillen van de populaire geisha Hatsumomo, maar zij weet zich te verzetten en groeit met hulp van Hatsumomo’s concurrente Mameha (Michelle Yeoh) uit tot de beroemdste geisha van Japan, Sayuri (Ziyi Zhang). De beeldschone Sayuri boeit alle machtige mannen, maar wordt achtervolgd door haar geheime liefde voor die ene man die buiten haar bereik ligt (Ken Watanabe).*

Meestal lees ik graag eerst het boek voor ik de film zie, maar bij Memoirs of a geisha heeft de film mij ontzettend nieuwsgierig gemaakt naar het boek en dan met name naar de taal van het boek. Het verhaal van de film was goed en de decors, de sfeer en de situering was prachtig, maar de teksten van de voice-over en sommige zinnen van de personages waren gewoonweg prachtig. Ook de manier waarop pijnlijke momenten uit de levens van de hoofdrolspelers worden weergegeven was prachtig en ik ben benieuwd op welke wijze deze in het boek zijn verwoord. Ik kan niet wachten. En wat de film betreft: gaan zien! Zeker de moeite waard.

*Bron: Bol.com

“Wij Alexander” (regie: Rimko Haanstra)

Beoordeling: 5 sterren

Wij Alexander (naar een boek van Tomas Ross) is gebaseerd op het verhaal van de derde zoon van koning Willem III en Sophie van Württemberg. Volgens de geschiedenisboeken had deze Alexander maar een kort leven; van 1851 tot 1884. Groot is dan ook de verbazing van de psychiatriepromovendus Jan Giltay (Hugo Haenen) als hij in 1909 in een kliniek kennismaakt met een zekere Patiënt nummer 4 (Jacques Commandeur), die beweert dat hij prins Alexander is! Inderdaad weet de man opvallend veel van het leven aan het Hof….*

Op 8 november verscheen deze prachtige serie op dvd en toen ik hem onlangs in een winkel zag staan heb ik hem direct gekocht. In 1998 is deze serie op televisie uitgezonden en acht afleveringen lang zat ik wekelijks aan de tv gekluisterd. Niet alleen is het verhaal spannend en zijn de intriges briljant, ook de personages hebben een grote mate van geloofwaardigheid en je voelt direct met ze mee. Decors, sfeer, tijdsbeeld, alles aan deze serie is prachtig en iedereen, van orangist tot fervent republikein, zal genieten van Ross schrijverskwaliteiten gecombineerd met Haanstra’s regie en de acteerprestaties van Nederlands’ grootsten. Top!

*Bron: Bol.com

“The kite runner” (regie: Marc Forster)

Beoordeling: 5 sterren

The kite runner is de verfilming van het boek De vliegeraar van Khaled Hosseini. In een verscheurd land op de rand van oorlog worden twee jeugdvrienden, Amir en Hassan , voorgoed van elkaar gescheiden. Het is een schitterende middag in Kabul en er hangt blijdschap in de lucht vanwege het vliegertoernooi. Maar in de nasleep van de overwinning zorgt het verraad van een van de jongens voor iets dat hun leven voor altijd zal tekenen, en daarmee begint een epische zoektocht naar verlossing. Na twintig jaar in de Verenigde Staten te hebben gewoond, keert Amir terug naar een gevaarlijk Afghanistan dat in de ijzeren greep van de Taliban is, om daar de geheimen die hem achtervolgen onder ogen te zienen een laatste moedige poging te doen om de zaken recht te zetten.*

Zonder het boek gelezen te hebben heb ik enkele maanden geleden de film gezien en ik ben nog steeds erg enthousiast. Een prachtige film, zowel qua verhaal als qua manier van filmen. Prachtige beelden in mooie landschappen, in elke scène een sfeer neergezet die past bij wat er gebeurt en in alle rust aan de kijker gepresenteerd. Een mooie film die iedereen zou moeten gaan zien.

*Bron:Bol.com

Hugo Claus, “De zwaardvis” (boekenweekgeschenk 1989)

 Beoordeling: 5 sterren

Tijdens het verloop van een idyllische zomerdag op het land kruisen de lotsbestemmingen van vier mensen elkaar: een jonge, gescheiden vrouw, haar grillige zoontje, een aan lager wal geraakte veearts, en een dorpsonderwijzer. Een redeloze misdaad wordt begaan. Droombeeld en hartstocht, verlangen en teloorgang worden met elkaar verweven tot een intrigerend en vooral spannend verhaal.*

Dit is een zeer goed boekenweekgeschenk, een van de beste van voor 1995. De zoon en zijn godsdienstwaan is uitermate humoristisch, de trieste waarheid speelt prachtig op de achtergrond en het verhaal blijft spannend tot het einde. Het is een detective waarbij niet naar de dader, maar ook naar het slachtoffer wordt gezocht. Prachtig! Een aanrader!

*Bron: flaptekst De zwaardvis