Tjeerd Bruinja & Daniël Dee (red.), “Klotengedichten”

 Beoordeling:2 sterren

Een bundel met gedichten over het mannelijk gelachtsdeel… je verwacht er niet zo veel van. Het viel me uiteindelijk mee, er zaten leuke gedichten tussen, maar het is niet het summum van de Nederlandse poëzie op dit moment. Gelukkig was het bij de ramsj niet zo duur, want hier geef je geen tientjes aan uit!

Nieuwsbrief Plein66 – 2 juni 2008

Welke ervaringen hebben anderen met Plein66? “Maak je politiek werk makkelijker”

In de nieuwsbrief van Plein66 staan altijd tips om het gebruik van het systeem te vergemakkelijken. Ditmaal komt een gebruiker zelf aan het woord: Wim Pelgrim, actief D66-lid in Nijmegen, vertelt over zijn ervaringen

“Sinds 2006 ben ik actief op Plein66, eerst als testgebruiker, gewoon eens kijken wat het is, later ben ik het gerichter gaan inzetten.”
“Plein66 is ontzettend handig in mijn dagelijkse politieke praktijk. Zo hebben wij in Nijmegen veel publiciteit gehaald met het idee Conciërge van het jaar, dat we uit Den Haag hebben overgenomen via Plein66. Het Plan van aanpak Ledenbenadering en ledenactivering hebben wij als afdeling Nijmegen weer kunnen delen met diverse andere afdelinge in de partij. Twee voorbeelden van successen via Plein66.”
“Het belangrijkste van ieder systeem waarin kennis wordt gedeeld is input van die kennis. Hoe klein een idee soms ook is, het kan op andere plaatsen grote invloed hebben. Plaats daarom de bladwijzer of werkbalk in je internetprogramma en je kunt binnen enkele seconden een mening over een document, website of bericht plaatsen. Kleine moeite, groot succes!”

Bekijk het profiel van Wim hier:

Ronald Giphart, “Ik ook van jou”

 Beoordeling: 2 sterren

Ik ook van jou is het verhaal van twee blakende jonge schrijvers die op stel en sprong naar de Dordogne zijn gereisd voor een, zoals Fräser het noemt, ‘grote queeste naar literatuur en seks’. Verweven in deze met onbevangenheid beschreven, vrolijke kanotocht is het aangrijpende verhaal over de fatale liefde van Ronald voor de mysterieuze Reza. Ik ook van jou is een boek over macht en onmacht, trouw en ontrouw, liefde en literatuur.*

Het is volbracht! Ik heb voor het eerst een boek van Ronald Giphart uit (afgezien van het boekenweekgeschenk, maar die is zo dun, die telt niet). Wat een beproeving. Het verhaal over Fräser en Ronald gaat opnieuw helemaal nergens over: de korte samenvatting hierboven is alles wat het is. De literair-filosofische beschouwingen in het boek, het verhaal en de achtergrondkennis uit de literatuurgeschiedenis van Brems die ik heb gelezen, hebben me wel meer inzicht in het werk van Giphart opgeleverd, maar een leuk boek vind ik het absoluut niet. Het is een soort Multatuli: niet te ‘vreten’, maar wel interessant als literairhistorisch object. Gelukkig schrijft Ronald wel beter dan zijn zus.

*Bron: Bol.com

Pauline Slot, “Zuiderkruis”

 Beoordeling: 4 sterren

Emma Schager heeft haar vriendin Floor Ponsioen in het buitenland maar één keer uit haar eigen schaduw zien treden. Meestal blijft Emma in Nederland om voor de planten te zorgen in Floors lege huis. Emma neemt er, na de breuk met haar vriend Paul, zelfs haar intrek wanneer Floor aan haar – naar wat later blijkt – allerlaatste reis begint. In de maanden na het schokkende bericht van Floors dood, begint Emma te beseffen dat zij in alle opzichten Floors plaats heeft ingenomen. Was dat soms Floors bedoeling? Wilde zij zo, bijna ongemerkt, wegglippen uit haar eigen leven? Of was haar dood toch een ongeluk? Om een antwoord op die vragen te krijgen, gaat Emma zelf op reis. Ze volgt, aan de hand van Floors reisnotities en brieven, nauwgezet haar spoor. Dat loopt door Australië, Nieuw Zeeland en Fiji.*

Zuiderkruis is een zeer leuk boek. De verschillende verhaallijnen in dit boek vullen elkaar mooi aan, zonder tot een volledig gesloten einde te komen. Alle informatie die door Pauline Slot wordt aangereikt moet in het hoofd van de lezer tot een samenhangend geheel worden. Het boek is bijzonder leesbaar, zonder té leesbaar te zijn,  en boeit tot het einde toe.

*Bron: Bol.com

Jessica Durlacher, “De dochter”

 Beoordeling: 2 sterren

Koop “De dochter” van Jessica Durlacher

Wanneer uitgever Max Schaap na vijftien jaar zijn vroegere vriendinnetje Sabine weer terugziet op een boekenbeurs in Frankfurt, is ze in het gezelschap van de oudere Amerikaanse studiobaas Sam Zaidenweber.
De gecompliceerde liefde tussen Max en Sabine laait weer op, al blijft de vraag waarom Sabine hem indertijd zo plotseling verliet een raadsel. Wanneer Max besluit het traumatische levensverhaal van Sam te publiceren komt er een tragedie aan het licht, die ook Sabines verleden in een nieuw perspectief plaatst en laat zien dat schuldgevoel tot veel kwaad kan leiden.*

Het boek van Jessica Durlacher leest als een soapserie met één verhaallijn. De spanningsboog is ellenlang opgerekt, je kunt best een paar stukken overslaan, zonder de verhaallijn kwijt te raken en onbewust weet je al wat er gaat gebeuren. Het verhaal in De dochter heeft genoeg in zich om tot een zeer spannende roman te worden, maar het is zo opgerekt dat het zijn spanning verliest.

Bron: Bol.com

Nijmegen Nieuws – 8 mei 2008

NIJMEGEN-Verschillende gemeenten in Nederland hebben op hun website applicaties om eenvoudig te ontdekken of inwoners recht hebben op een financiële bijdrage. D66 Nijmegen wil dit ook in Nijmegen mogelijk maken. De sociaal-liberalen hebben daartoe schriftelijke vragen gesteld aan het college van B&W. Wim Pelgrim, van de fractie D66 Nijmegen: “Nijmegen heeft al enkele initiatieven op dit gebied, onder andere de formulierenbrigade die mensen helpt met het aanvragen van subsidies. Maar, deze brigade is er alleen voor mensen met een inkomen tot 120% van het minimumloon. Toch gelden veel regelingen voor meer mensen, maar weten zij niet of zij hiervoor wel in aanmerking komen. Met een eenvoudige applicatie op de website kan de gemeente hen daar eenvoudig bij helpen en dat kan een goede aanvulling zijn op de formulierenbrigade.”

Bron:

Nijmegenonline.nl – 6 mei 2008

D66: online ontdekken of je recht hebt op een bijdrage

Verschillende gemeenten in Nederland hebben op hun website applicaties om eenvoudig te ontdekken of inwoners recht hebben op een financiële bijdrage. D66 Nijmegen wil dit ook in Nijmegen mogelijk maken. De sociaal-liberalen hebben daartoe schriftelijke vragen gesteld aan het college van B&W.

Wim Pelgrim, van de fractie D66 Nijmegen: “Nijmegen heeft al enkele initiatieven op dit
gebied, onder andere de formulierenbrigade die mensen helpt met het aanvragen van
subsidies. Maar, deze brigade is er alleen voor mensen met een inkomen tot 120% van het minimumloon. Toch gelden veel regelingen voor meer mensen, maar weten zij niet of zij hiervoor wel in aanmerking komen. Met een eenvoudige applicatie op de website kan de gemeente hen daar eenvoudig bij helpen en dat kan een goede aanvulling zijn op de formulierenbrigade.”

Een voorbeeld van een dergelijke webapplicatie is De Geldzoeker van de gemeente Hengelo. Hierop vullen bezoekers anoniem gegevens in over hun inkomsten en leefsituatie, waarna het programma een overzicht geeft van de regelingen waar zij recht op hebben.

Een laagdrempelige site biedt grote voordelen. Wim Pelgrim hierover: “Veel mensen met bijvoorbeeld hoge kosten voor hun kinderen, moeten vaak een behoorlijke drempel over om om geld te vragen. Wanneer zij anoniem op internet kunnen zien of zij in aanmerking komen voor een regeling of subsidie, wordt een groot deel van die drempel weggenomen.”

Bron: http://www.nijmegenonline.nl/nieuws/d66-online-ontdekken-of-je-recht-hebt-op/

Waarom ben ìk eigenlijk D66’er?

De zoektocht naar mijn politieke identiteit begon in 2002. In maart van dat jaar waren de gemeenteraadsverkiezingen, helaas net een week na mijn 18e verjaardag, dus in mei 2002 mocht ik pas voor het eerst stemmen. Voor wie het niet meer weet: 2002 was het jaar van Pim Fortuyn. Ik was in die verwarrende periode, waarin iedere politieke partij over de andere buitelde om Fortuyn aan te vallen op zoek naar mijn politieke kleur. Van SP tot VVD, elke partij had wel wat; de stemwijzer gaf mij zowel de LPF als de PvdA als optie en ik kon moeilijk kiezen (D66 was totaal niet in beeld voor mij, maar dat terzijde).

Uiteindelijk stemde ik 15 mei 2002 op Pim Fortuyn, vanwege zijn uitstraling, zijn charisma. Iedere levende ziel kan zich voorstellen dat ik in de maanden daarna erge spijt kreeg van mijn keuze. Het vertrouwen dat ik in Fortuyn had gesteld werd beschaamd en ik vond het nodig om een definitieve keuze te gaan maken. Niet op basis van personen, imago of marketing, maar op basis van politieke beginselen.

Op dat moment, eind 2002, volgde ik in mijn eerste jaar op de universiteit het vak Moderne Letterkunde 1 (periode 1830-1880) en ik bewonderde de negentiende-eeuwse liberalen: ze zaten vol idealen, wilden mensen de middelen geven zich te ontwikkelen, het minder bedeelde volksdeel verheffen en mensen kennis, vaardigheden en waarden bijbrengen. Bij mij kwam de gedachte op dat progressieve liberalen uitgestorven waren en ik ben een progressieve liberaal, dat wist ik op dat moment zeker.

Het zou nog tot ongeveer de jaarwisseling van 2002/2003 duren voor ik erachter kwam dat er wel degelijk progressieve liberalen bestonden in Nederland. Ze bestonden al bijna 40 jaar: D66! Pas toen bedacht ik me dat D66 al eerder in mijn leven in beeld was geweest als politieke partij. In de vierde klas van de middelbare school heb ik bij maatschappijleer een keer de stemwijzer ingevuld, met D66 als eerste voorkeur. Op de website van D66 ben ik vervolgens gaan lezen over de uitgangspunten en D66 paste zo goed bij me dat ik mij aanmeldde als lid.

In het laatste verkiezingsprogramma zijn door D66 vijf richtingwijzers bepaald en aan de hand daarvan kan ik eenvoudig laten zien waar ik als D66’er achter sta en in geloof.

Vertrouw op de eigen kracht van mensen
Ieders leven kent hoogte- en dieptepunten en de enige die kan besluiten daar wat aan te veranderen ben je zelf. Daarbij kun je uiteraard hulp krijgen, maar de uiteindelijke stap om je leven weer in eigen hand te nemen en daar invulling aan te geven ben je zelf. Ik heb dat aan den lijve ondervonden, nadat ik op de basisschool met pesten te maken heb gehad: de enige die mij weer uit het slob kon trekken was ikzelf. Vanaf dat moment ben ik in het leven gaan staan met als uitgangspunt dat ik ga over hoe mijn leven eruit ziet. Ik kies voor de studie die mijn aanspreekt, de hobby’s die ik leuk vind, de vrienden die mij inspireren, de religie waar ik mij goed bij voel en de politieke partij die mijn visie op de maatschappij deelt.

In een breder maatschappelijk kader betekent dit dat ik vind dat ieder mens in principe zijn eigen leven moet leiden: geef ieder de vrijheid om zijn/haar leven in te richten zoals hij of zij dat wil, tenzij daardoor de vrijheid van een ander geschaad wordt (‘Harm principle’ van J.S. Mill). De overheid moet alleen helpen bij het waarborgen van de mogelijkheden om dat eigen leven in te richten.

Denk en handel internationaal
Ik ben geen lid van Amnesty en geef geen geld voor het Wereld Voedselprogramma of Natuurmonumenten. Ik spaar ook geen zilverfolie voor de arme kindertjes. Ik geloof namelijk niet in dit soort hulp. Ik ben er van overtuigd dat dergelijke initiatieven niet helpen om structureel de positie van arme groepen in de wereld te verbeteren. Wanneer ik lees op de website van kennissen die door Afrika hebben getrokken (www.gewoongaan.nl) dat kinderen in Senegal hebben ‘geleerd’ om geld, snoep of spullen te vragen aan toeristen, omdat die het toch wel geven aan de ‘arme kinderen’, denk ik: op zo’n manier zorg je ervoor dat mensen in een afhankelijke positie belanden.

Je moet juist op internationaal niveau zorgen voor een eerlijke positie van mensen. Het is zeer pijnlijk om tegen Zeeuwse suikerboeren te moeten zeggen dat ze hun werk zullen verliezen, maar je geeft er zoveel suikerboeren in de derde wereld werk mee, dat een dergelijk offer in mijn ogen gebracht zou moeten worden.

Beloon prestatie en deel de welvaart
Inkomenspolitiek is altijd een lastig onderwerp en ik ben er zelf ook nog niet helemaal uit wat ik hier van vind. Hoe beloon je prestatie? Wat is een prestatie? Hoe (her)verdeel je welvaart? Uitgangspunt moet hier in mijn ogen vooral zijn dat de eigen inzet van mensen, eigen initiatief beloond wordt. Zo moeten mensen die vanuit een uitkering naar werk gaan er niet op achteruit gaan doordat allerlei regelingen direct vervallen.

Als ik zie hoe in de Nijmeegse gemeenteraad op dit punt wordt geopereerd, begint het al snel te jeuken. Een paar jaar geleden bijvoorbeeld heeft de gemeente gratis koelkasten uitgedeeld aan minima (bericht hierover op NU.nl). Op zich een vriendelijk gebaar van het stadsbestuur en het wekt de suggestie dat de gemeente mensen helpt. Toch is het, mijns inziens, verstandiger mensen geen ‘cadeautjes’ als deze te geven, maar dat geld te investeren in het weer aan het werk helpen van deze mensen of in het structureel verhogen van uitkeringen. Niet alleen wordt er dan gezorgd voor een structurele verbetering van het inkomen, maar ook kunnen zij dan zelf een koelkast of wasmachine kopen, wat een veel beter gevoel geeft, dan dat je dat soort dingen moet krijgen.

Streef naar een duurzame en harmonieuze samenleving
Hoewel ik geen lid ben van het Wereld Natuur Fonds of Greenpeace, ben ik absoluut voorstander van een goede bescherming van de natuur. Wat dat betreft zou GroenLinks voor mij ook best een aantrekkelijke nummer twee kunnen zijn, als men daar maar praktisch en realistisch was.

Als het over milieu gaat heb je mensen die ieder minuscuul beetje hulp eisen van iedereen en aan de andere kant heb je mensen die zich nergens zorgen over maken. Ik neem daar een middenpositie in: ik ben niet bang voor een totale catastrofe (zie daarvoor een eerdere column van mijn hand), maar we moeten ons er wel van bewust zijn dat we de natuurlijke hulpstoffen wel in een erg hoog tempo verbruiken. Ik ‘denk en handel internationaal’, ook op dit vlak. We moeten energiebesparing stimuleren, zorgen dat we minder nutteloos energie gebruiken (bijvoorbeeld geen auto’s onnodig in de file laten staan, omdat er geen A73 bij Nijmegen ligt) en op internationaal niveau afspraken maken om duurzaam energie op te wekken (bijvoorbeeld met een zonne-energiecentrale in de woestijn van Noord-Afrika).

Koester de grondrechten en gedeelde waarden
Niet ieder mens denkt hetzelfde en heeft dezelfde normen en waarden. Dat is niet erg. We moeten dan ook de ruimte geven aan iedereen om zichzelf te zijn, eigen keuzes te maken, maar wel met respect voor elkaar. Zo hort niemand, ik kan daar over meepraten, op zijn geloofsovertuiging te worden bekritiseerd. Laat ieder geloven wat hij of zij wil, zolang een ander daarmee niet wordt geschaad (opnieuw Mill). Ook zaken als abortus en euthenasie moeten vrij zijn: het is een recht en geen plicht. Ik wil niet opleggen aan een ander wat hij of zij moet vinden, laat een ander dat dan bij mij ook niet doen. Respect voor elkaars keuzes en meningen, ook al begrijpen we die niet, daar gaat het om.

Met dank aan mijn commentatoren voor alle inhoudelijke en formele kritiek.

Anna Enquist, “Hier was vuur”

 Beoordeling: 3 sterren

Ik vind Anna Enquist al zeer lang een goede dichteres en schrijfster. Diverse romans en dichtbundels en ook haar voordrachten uit eigen werk spreken mij zeer aan. Maar de bundel Hier was vuur viel me eerlijk gezegd wat tegen. De passie en kracht die ik in de bundels De tweede helft en vooral in De tussentijd aantrof, ontbreken hier geheel en dat vind ik jammer.
De gedichten in deze bundel lijken zeer onpersoonlijk, zijn vormtechnisch niet heel bijzonder en het lijkt alsof . Het gedicht Mijn zoon is de enige positieve uitzondering hierop. Deze bundel bracht mij niet wat ik er van hoopte. Gelukkig weet ik dat hierna nog erg mooi werk is uitgekomen, dus laten we het een dipje noemen.

J. Bernlef, “De pianoman” (boekenweekgeschenk 2008)

Beoordeling: 4 sterren

Achttien jaar lang heeft Thomas in angst geleefd voor zijn vader. De maat is vol en Thomas ruilt het winderige bestaan van Friesland in voor het grotestadsleven van Amsterdam. Daar leert hij de Britse Chris kennen, met wie hij een ‘vriendschap’ opbouwt – zij is aardig voor hem en in ruil daarvoor betaalt hij al haar kosten. Na een aantal weken wil Chris terug naar Engeland. Thomas gaat met haar mee, maar wordt door zijn vriendin achtergelaten in de aankomsthaven. Hij is verslagen. De jongen brengt de nacht door op een bootje in zee en met natte kleren komt hij de volgende morgen het strand op. Daar wacht een politieman hem op. Hij wordt meegenomen naar het politiebureau, waar Thomas weigert te spreken.*

Het Boekenweekgeschenk van Bernlef is na het gedrocht van Geert Mak van vorig jaar een verademing. Een heerlijk leesbaar boekje met een leuk verhaal. Hoewel het verhaal wel in een zeer rap tempo verteld wordt en er ook wel een aantal voorspelbare passages in zitten, is het interessant te lezen wat Bernlef doet met het waargebeurde verhaal van de Pianoman. Ook is het thema taal opnieuw prominent aanwezig in Bernlefs werk en dat maakt het lezen van dit verhaal erg aangenaam.

*Gebaseerd op: www.cjp.nl