[Anoniem], “Lanceloet en ’t hert met de witte voet”

Beoordeling: 3 sterren

Een jonkvrouw arriveert op Camelot, Arturs hof. Ze vertelt een verhaal over een woud waar zich een hert met een wit voetje bevindt. Het hert wordt bewaakt door zeven leeuwen. De vorstin van de jonkvrouw zal alleen trouwen met de man die haar het witte voetje brengt. Lanceloet neemt de uitdaging aan, raakt gewond, maar vindt het hert. Een onbekende ridder heeft echter kwalijke bedoelingen: hij geeft Lanceloet een houw met z’n zwaard, laat hem voor dood achter en neemt de witte voet mee. De vorstin is ontzet wanneer de ridder een huwelijk met haar claimt. De man is namelijk foeilelijk. Op advies van haar getrouwen wordt het huwelijk voorlopig uitgesteld.

Intussen is Walewein ongerust geworden om zijn vriend Lanceloet. Hij reist hem daarom achterna en hoort wat hem is overkomen. Walewein laat zijn vriend achter bij een arts, en gaat naar het hof van de vorstin. De ruzie die ontstaat over de beschuldiging wordt beslist in een tweekamp. Met één slag klieft Walewein het hoofd van de ridder, die dood neervalt. Walewein vertelt aan de vorstin dat Lanceloet de echte overwinnaar van de leeuwen is, en haalt Lanceloet op. De vorstin wil maar al te graag met Lanceloet trouwen. Deze moet dat echter afwijzen, omdat zijn hart aan Guinevere, zijn koningin, toebehoort. Daarom keren Walewein en Lanceloet weer terug naar Camelot.

Leuk plot, een vermakelijk verhaal en het is goed geschreven. Prima boekje, maar wel voor een select gezelschap (uitgezonderd lezers van vertalingen).

Hafid Bouazza, “Paravion”

Beoordeling: 3 sterren

Paravion draait om drie generaties Baba Baloek: grootvader, vader en zoon. Deze laatste blijft alleen achter in een klein gehucht waarvan alle mannen zijn vertrokken met achterlating van hun vrouwen.
Op een dag wordt de jongste Baba Baloek, een herder, bezocht door een mysterieus meisje dat hem inwijdt in de liefde. De ontdekking van lichamelijke behoeften gaat gepaard met het ontwaken van zijn bewustzijn. Zo komt hij er aan de hand van de verhalen die het meisje vertelt achter dat hij meer deelt met zijn voorouders dan de naam alleen.
De jongens die overgebleven zijn in het dorp en die Baba Baloek dagelijks treiteren verdwijnen. Hij blijft alleen over met de achtergebleven vrouwen, met wie hij ook zijn erotische lessen deelt Maar ook zij verdwijnen. Naar Paravion. Deze naam is een misvatting van de personages, die het opschrift par avion lezen als de naam van Amsterdam, de sta die elke middag zichtbaar wordt in de mirage.*

Bij lezing van Bouazza’s Paravion is er voor mij een duidelijk onderscheid tussen de taal, de vorm en het verhaal, de inhoud. Talig is het een zeer goed geschreven en mooie roman waarin de oosterse manier van schrijven duidelijk doorschijnt. Het verhaal spreekt mij echter minder aan en hoewel de taal veel vermaak biedt, doet het verhaal dat voor mij minder. Ik blijf in mijn beoordeling hinken op twee gedachten en vind het jammer dat ik geen 3,5 sterren kan geven…

*Bron: www.bol.com

[Anoniem], “Naaman, Prince van Syrien”

Beoordeling: 4 sterren

Een rederijkersspel waarin de historie van Naaman, prins van Syrië, lijdend aan melaatsheid (lepra), door de profeet Elisa wordt genezen.

Talig is het een rijk verhaal, de wijze waarop het verhaal zich ontpopt is mooi en er zit een zeer gedegen inleiding bij het verhaal. Het is moralistisch met een religieuze inslag, maar binnen het tijdsgewricht (16e eeuw) is het een prima en aan te raden spel om te lezen of zelfs spelen!

Maarten ’t Hart, “De zonnewijzer”

 Beoordeling: 3 sterren

De zonnewijzer is een zelfstandig te lezen vervolg op De kroongetuige. De vrouwelijke hoofdpersoon daaruit, Leonie Kuyper, is inmiddels gescheiden. Haar beste vriendin overlijdt aan een zonnesteek. Zij laat alles na aan Leonie, met als enige voorwaarde dat Leonie zo goed mogelijk voor haar drie poezen zal zorgen. Daartoe moet Leonie zelfs in het van haar vriendin geërfde appartement gaan wonen zodat er in het leven van de katten zo weinig mogelijk verandert. Leonie kruipt, aanvankelijk terwille van de poezen, in de huid van haar overleden vriendin en gaat daar zo in op dat ze zich ten slotte volledig met haar identificeert. Doordat ze als het ware het leven van haar vriendin gaat leiden, komt Leonie er gaandeweg achter dat er veel meer aan de hand is geweest dan een zonnesteek.* Het wordt een zoektocht naar de doodsoorzaak van haar beste vriendin die ze uiteindleijk tot een goed einde weet te brengen.

Vermakelijk en best een spannend boek, maar ook wat teleurstellend. De thriller over de mysterieuze dood van Roos is als thriller zeer geslaagd, maar in de thrillerauteur ’t Hart mis ik zinnen als “In deze ruimte heb ik de zomer gevangen. Insecten zoemen loom in de vochtige warmte. De tijd verstrijkt in hun vleugelslag. Buiten valt het loof, daar zouden deze hommels en zweefvliegen al lang zijn omgekomen in de koude nacht.” (Uit: Een vlucht regenwulpen).

Toch laat ’t Hart in deze roman zien dat hij een begenadigd schrijver is en ook hier zie je sporen van zijn elegante manier van met taal omgaan.
Een thrillerschrijver is meer bezig met inhoud dan vorm, maar juist bij ’t Hart verwacht ik en zoek ik naar die vorm, naar de manier waarop hij de taal zacht golvend boetseert tot een roman. Dat gemis weegt in mijn oordeel zwaarder dan het spannende verhaal en vandaar drie sterren.

*Bron: www.bol.com

[Anoniem], “Het Roelantslied”

 Beoordeling: 2 sterren

Karel de Grote is in oorlog met de Saracenen, maar na jarenlange strijd zal de vrede worden getekend. Karel keert daarop aan het hoofd van zijn leger uit Spanje terug naar Frankrijk, waarbij de ridder Roelant en zijn manschappen de achterhoede vormen. Dan komt het verraad. Roelant wordt in een hinderlaag gelokt in het dal van Roncevaux. Een van zijn ridders adviseert hem op zijn hoorn Oliphant te blazen, opdat Karel zal terugkeren om hem bij te staan. Roelant weigert dit uit “heldhaftige dwaasheid”. Ten slotte blijft in de ongelijke strijd alleen Roelant over met twee van zijn medestanders. Pas dan blaast Roelant op zijn hoorn, en Karel keert terug om hem bij te staan. Het is te laat: hij treft de ontzielde lichamen van de krijgers aan, dat van Roelant ter aarde liggend, de hoorn onder het lichaam, het gezicht naar Spanje gewend.

Deze Arthurroman is niet echt spannend en ook niet zo mooi geschreven. Het is in cultureel opzicht (als navolging van het Franse Chanson de Roland) een must, maar geen aanrader.

Arnon Grunberg, “De Joodse messias”

Beoordeling: 5 sterren

Het boek De Joodse Messias is te uitgebreid en complex om even kort samen te vatten. Een poging*: Xavier Radek is een Zwitser van bijna zeventien, die zichzelf de taak heeft toebedeeld om de joden te troosten. Hij wil een begin maken door een Mein Kampf in het jiddisj te vertalen. Xavier sluit vriendschap met de orthodoxe jood Awromele, zoon van een rabbijn, en hun vriendschap ontwikkelt zich tot een liefdesrelatie. Het paar komt vrijwel aan het eind van het boek in Israël terecht, waar Xavier zich ontpopt als hardliner politicus.

Een overweldigende roman die prachtig in elkaar valt. Het verhaal over Xavier Radek grenst aan het onmogelijke, maar is toch niet ongeloofwaardig door de manier waarop Grunberg het verhaal vertelt. Van begin tot eind een pageturner en een echte aanrader!

*Bron van deze poging: Nu.nl

Hella Haasse, “Oeroeg” (boekenweekgeschenk 1948)

 Beoordeling: 4 sterren

Het verhaal gaat over de vriendschap tussen de ik-figuur en Oeroeg. De ik-figuur is een zoon van een Nederlandse plantersfamilie, Oeroeg is een echte inlandse jongen. Ze waren onafscheidelijk, tot de ik-figuur onderwijs begint te krijgen. Oeroeg mag hier niet aan deelnemen, maar hij mag wel staan te luisteren. Oeroeg blijkt hier al erg leergierig.
Tijdens een bezoek van gasten uit Batavia wordt er besloten om ’s avonds een bezoek te brengen naar Telaga Hideung, het Zwarte Meer, een meer waar over geheimzinnige verhalen de ronde doen. De ik-figuur mag mee en ook Deppoh is een van de begeleiders. Men gebruikt een oud vlot om over het meer te varen. De groep is echter veel te wild, waardoor er een stuk van het vlot afbreekt. De vader van de ik-figuur sterft bij dit ongeluk.
Oeroeg en de ik-figuur gaan vanaf dat moment samen naar school. Als de ik-figuur naar de HBS en Oeroeg naar de MULO in Batavia gaat beginnen de jongens uit elkaar te groeien. Hun vriendenkringen veranderen en zeker wanneer de Tweede Wereldoorlog en de politionele acties plaatsvinden worden hun wortels een belangrijk breekpunt.

Het debuut van Hella Haasse, dat verscheen als boekenweekgeschenk in 1948, start traag en nadat de hele situatie is geschetst en alle personages geïntroduceerd, begint een interessant spel tussen Oeroeg en de ik waarbij de gelijkwaardigheid uit het begin niet bestand blijkt tegen rassenverschillen. Een mooi boek en een leuke kennismaking met Haasse.

[Anoniem], “Mariken van Nieumeghen”

Beoordeling: 3 sterren

Mariken woont in de buurt van Nijmegen bij haar oom Gijsbrecht. Op een dag moet ze naar de markt in Nijmegen, waar ze bij haar tante zou blijven overnachten. De tante, door een ruzie buiten zinnen geraakt, schold haar de huid vol, waardoor Mariken helemaal van streek en gekrenkt wegging.
Mariken gaat wanhopig op weg naar huis. Ze bidt om hulp, maar is zo wanhopig dat het haar niets uitmaakt of God of de duivel haar komt helpen. De duivel hoort dit en verschijnt in de vorm van Moenen met het ene oog. Moenen belooft haar alle talen en de zeven vrije kunsten te leren, maar niet de nigromantie (zwarte kunst).
In Antwerpen leiden ze een zondig leven. Na zeven jaar keer Mariken terug naar Nijmegen waar ze op de markt een wagenspel ziet. In dit spel vraagt Masscheroen, een onderduivel, aan God waarom hij de mensen vergeeft. Mariken krijgt berouw en doet beroep op Gods barmhartigheid. Hierdoor wordt Moenen kwaad. Hij voert Mariken hoog de lucht in en gooit haar van grote hoogte naar beneden. Maar ze overleeft de val doordat haar oom, die tussen de toeschouwers staat, voor haar gebeden heeft. Gijsbrecht weet Moenen te verdrijven door het uitspreken van een bijbelpassage.
Mariken wil vergeven worden van haar zonden en moet daarom naar de Paus. Deze geeft haar als straf drie ijzeren ringen om hals en armen. Deze zullen pas afvallen als het zondig leven haar vergeven is. Mariken trekt zich terug in het Witte Vrouwenklooster (gesloopt in 1796) in Maastricht, waar na jaren van boetedoening de ringen afvallen. Daarna leeft Mariken nog twee jaar en sterft vredig omsteeks 1500. Na haar overlijden werden de drie ringen boven haar graf gehangen.

Al jaren loop ik langs het standbeeld van Mariken van Nimwegen op de Grote Markt in Nijmegen, maar het boek had ik (tot mijn grote schande) nog nooit gelezen. En eigenlijk is dat ontzettend jammer, want het is zowel inhoudelijk als qua vorm een leuk verhaal, vooral wanneer je de originele Middelnederlandse tekst leest (Prisma Pocket, Utrecht 1984).
Het wordt wel pas echt leuk, wanneer je (enigszins) bekend bent met de Middeleeuwse zeden en gewoonten. Een aanradertje.

Kader Abdolah, “De koffer”

Beoordeling: 5 sterren

In een droom laten de grootouders en vader van Kader Abdolah een koffer vol oude geschriften achter langs een dijk bij Wilsum. In een daarop volgend essay van Janet Luis wordt ingegaan op de autobiografische aspecten in het werk van Abdollah. Reinjan Mulder geeft ten slotte een levensbeschrijving van deze interessante auteur.

Het verhaal van Abdolah is zeer vermakelijk en het blijft zowel bij de eerste keer lezen als na langer nadenken mooi en wordt zelfs mooier. Een absolute aanrader!

Willam, “Madoc” (redactie: H.W.J. Vekeman)

Beoordeling: 4 sterren

Leuk en interessant boek waarin H.W.J. Vekeman een prozavertaling geeft van het door hem ’teruggevonden’ manuscript van de Madock van Willem (auteur van Van den Vos Reynaerde). Het is een raamvertelling waarin diverse reizigers op een schip hun verhaal vertellen. Ondertussen voert het schip naar allerlei wonderlijke oorden.
Hoewel ik het artikel niet meer terug kan vinden, bleek al snel dat het hele verhaal door Vekeman verzonnen is. Ondanks dat is het verhaal zeer vermakelijk en doet het zeer middeleeuws aan. Prachtig hoe je met wat vindingrijkheid en fantasie de hele neerlandistiek op z’n kop kan zetten.