Manuel van Loggem, Insecten in plastic (boekenweekgeschenk 1952)

Beoordeling: 4 sterren

Insecten in plastic is, zeker voor een boek uit 1952, zeer leesbaar. Het is een mooi compact verhaal waarin je wordt meegenomen, ook al is het een nogal vervreemdende ervaring. Ook is het, met de kennis van nu, opvallend dat de praktijken uit de Stasi-gevangenis al in dit boek voorspeld lijken te worden. Het feit dat Van Loggem een psycholoog is, kan dat uiteraard verklaren.

Data volgens Somtoday en Magister? Mijn reactie.

Onderwijspodcast.nl heeft een gesprek gevoerd met Somtoday en Magister over de rol van deze platforms in het onderwijs. Vanuit mijn ervaring met beide bedrijven en mijn ideeën over ontwikkeldata in de hele keten van 0 tot 88 enkele observaties uit dit gesprek met Heleen van der Laan (Magister) en Bert Thijs de Jong (Somtoday).

Wat lees je hieronder?

  • Magister en Somtoday zien scholen als eindgebruiker en eigenaar van de data. Maar zijn zij dat wel?
  • Beide bedrijven werken wel aan uitwisselingsstandaarden, maar vanuit welke visie doen ze dat? Blijft het systeem dan niet in stand? En moet de overheid daar niet een grotere rol pakken?
  • Zijn deze bedrijven niet bang voor de individuele gebruiker? Voor de leerling?
  • Hoe moet het dan wel: een gestandaardiseerde structuur voor de hele onderwijs- en arbeidsmarktketen. Decentraal en met de leerling als eindgebruiker.

Wie is de eindgebruiker?

Allereerst valt het mij op, met name in de gebruikte metaforen, dat beide bedrijven nooit spreken over de leerling. Het gaat in alles over de school als eigenaar en eindgebruiker van de data die de bedrijven beheren. Zo wordt door Somtoday gesproken over de stellingkast waar scholen hun data in bewaren. De school doet het kastje open en kan de data gebruiken. Een andere metafoor die Somtoday gebruikt is dat zij één kluis voor de data als basis gebruiken, als fundament waar flexibel applicaties op gebruikt kunnen worden. En Magister spreekt over de school als eigenaar van de data in alle gevallen. Magister verwerkt deze gegevens en geeft ze terug aan de eindgebruiker(!).

Maar is de school wel de eigenaar? Daarover zo meteen meer. Los van die fundamentele vraag, suggereren beide bedrijven dat ze geen marktmacht hebben, dat de school altijd aan het roer staat. Maar dat is natuurlijk niet waar. Om de metafoor van de stellingkast eens verder uit te pluizen: die stellingkast waar de school zijn data in kan opslaan en de leerlingen en ouders inzage hebben, staat wel in een zwaarbeveiligd pand beheerd door Magister of Somtoday. Om toegang te krijgen tot mijn data moet ik langs deze poortwachters. En voor die toegang wordt een flink bedrag gevraagd en bij Magister is daar de laatste weken ook stevige ophef over

Uitwisselingsstandaarden

Als je dan zou willen overstappen, is een uitwisselingsstandaard nodig en ook daarover wordt in de podcast gesproken. In Nederland is geen centrale standaard, zoals die er in de VS en het VK wel is. Beide bedrijven zitten aan divers overlegtafels, maar werken ook aan een eigen standaard. Somtoday is daar het meest expliciet in.

Maar wil je dat? Een standaard ontwikkeld door een marktpartij? Vergelijk het met Maersk dat in het containertransport een nieuwe standaard wilde neerzetten. Het was moeilijk om concurrenten te overtuigen gebruik te maken van een systeem gebouwd door de concurrent.

Het alternatief is samen organiseren en beide bedrijven zien dat als een hoger goed. Maar dat leidt tot overlegtafels, jarenlange gesprekken en weinig resultaat. Somtoday vraagt zelfs letterlijk om overheidssturing op dit punt.

Daarnaast is dit systeem gebouwd vanuit de wensen en problemen die een bedrijf als Somtoday heeft. Vanuit de instituties in de onderwijsketen dus. Daarmee is zo’n standaard dus niet gericht op het ontwrichten of veranderen van de markt, maar op de oplossingen voor de problemen van vandaag.

Angst voor het individu

De onderliggende problematiek lijkt de angst voor het individu, de angst voor de eindgebruiker. Waarom niet die ruwe data geven aan de leerling? Waarom is díé niet de eigenaar en eindgebruiker maar de school? Waarom moet de data er vooral op gericht zijn stuurinformatie te genereren voor scholen (Magister)? Of waarom op het beantwoorden van de juiste onderzoeksvragen, mede door de business intelligence medewerkers van Somtoday?

Magister stelt zelfs dat als je ad hoc ruwe data uit het systeem beschikbaar maakt, er zorgen over de continuïteit en stabiliteit van het systeem ontstaat. Omdat het individu dingen kan doen met het systeem die jij niet van te voren hebt bedacht. Omdat het individu zijn data kan meenemen uit jouw systeem. Maar waarom richten we dat niet in?

Wat dan wel?

We moeten toe naar een nieuwe architectuur. Waarbij de data verbonden zijn aan het individu. Op de eerste plek waar iemand het systeem binnenkomt worden gegevens vastgelegd. Vaak zal dat de gemeentelijke basisadministratie zijn, maar dat kan ook bij een bank of een register gebeuren. Dat wordt de startplek (digitale identiteit) waar iemands data is gekoppeld aan de echt wereld. En elke keer als er in een proces data worden gegenereerd, worden deze aan die digitale identiteit toegevoegd of ze worden verwijderd of gewijzigd. Zo kunnen organisaties zich richten op de processen waar ze goed in zijn, ontstaat een veiligere (GDPR-proof) omgeving en kunnen we via een servicelaag administratieve en ICT-lasten terugdringen.

Oscar van den Boogaard, Meer dan een minnaar

Beoordeling: 2 sterren

Ik ben enthousiast begonnen aan Meer dan een minnaar maar moest op de helft van het boek mijn meerdere in deze roman erkennen. Het verhaal is te vaag en onsamenhangend en kent te weinig spanningsboog om dat te aanvaarden. Het sfeertje lijkt een beetje op dat wat ik me herinner uit De Biechtspiegel, maar dan minder intrigerend. Na ruim de helft toch nog weggelegd.

Ted van Lieshout, Ze gaan er met je neus vandoor

Beoordeling: 5 sterren

Wat een gaaf boek! Wat een briljant boek! Wat een vernieuwend boek! Ze gaan er met je neus vandoor is weer een pareltje van Ted van Lieshout. Het is niet zomaar een dichtbundel. De tekst gaat als het ware het gesprek met de schrijver en met zichzelf aan. Inhoudelijk is het interessant genoeg om te blijven lezen, de vormgeving is heel erg mooi en de traditionele gedichten die erin staan, zijn ook nog eens interessant. Wow!

Godfried Bomans, De laatste knal

Beoordeling: 1 ster

Bomans is een taalkunstenaar en ik heb al eerder, enthousiast, boeken van hem gerecenseerd. Maar de verhalen uit De laatste knal zijn braaf, kleinburgerlijk en helemaal niet meer zo grappig.

Het opvallendste is nog wat Bomans over Zwarte Piet schrijft: een onderwijzer heeft blijkens de tekst aangegeven dat Piet een bewijs is van rassendiscriminatie. Bomans’ argumentatie dat men in Oeganda geen weet heeft van wat wij hier doen, stamt duidelijk uit een andere tijd.

Steve Jobs (regie: Danny Boyle)

Beoordeling: 5 sterren

Steve Jobs is de tweede biopic die in de jaren na diens dood uitkwam. Jobs heb ik nog niet gezien, maar over Steve Jobs ben ik erg enthousiast.

Het is een leuke film en de keuze om drie sleutelmomenten in het leven van Jobs en de ontwikkeling van zijn bedrijf te nemen. Het brengt een zekere spanning en eenheid in de film en voorkomt dat het een langdradig verhaal wordt waar alles in moet zitten.

Het acteerwerk van met name Fassbinder, maar ook de andere acteurs is geweldig en je krijgt een goed beeld van de mens die Jobs was.

Jurassic World (regie: Colin Trevorrow)

Beoordeling: 3 sterren

Ik vond, zoals volgens mij iedereen van mijn leeftijd, Jurassic Park een geweldige film. The lost world vond ik al minder. En Jurassic World is echt niet zo best. Van de dinosaurusfilm van Steven Spielberg is alleen nog een gooi-en-smijtfilm overgebleven. De romantiek, het verhaal, het net een stapje verder gaan in humor en wetenschap uit de eerste film is volledig weg.

Waar het origineel nog veel animatronica bevatte, waardoor het er echt uitzag, is dat in deze film volledig door niet al te goede graphics vervangen. Drie sterren, omdat het een best vermakelijke gooi-en-smijtfilm is, maar dan ben ik al erg ruimhartig vind ik zelf.

Mike Boddé, Pil

Beoordeling: 3 sterren

Mike Boddé schreef met een Pil een eerlijk boek over zijn depressie. Het boek is ondanks dat thema grappig en qua vormen heel divers: poëzie, proza, biografie, teksten van anderen, het is een rijk boek. Wel gebruikt Boddé de opsomming wel erg vaak als stijlfiguur. Soms gebeurt dat goed, maar vaak ook wel wat te veel en te lang. Het leest lekker, maar niet het bijzonderste boek ooit.

Marion Bloem, Geen gewoon Indisch meisje

Beoordeling: 2 sterren

Het concept van Geen gewoon Indisch meisje, de verscheurdheid van de hoofdpersoon weergeven door haar twee namen en twee persoonlijkheden te geven, is op zichzelf mooi en origineel. Maar het boek wordt door de wijze van formuleren en structureren veel te fragmentarisch.

Je weet nooit precies door wiens ogen je het verhaal beziet. En ook in de tijd en gebeurtenissen springt het verhaal van hot naar her. Bovendien is de schrijfstijl met veel korte zinnen vermoeiend om te lezen.

Ik ben ongeveer tot op een kwart gekomen, maar daarna kon ik het niet meer opbrengen. Het boek is niet superslecht, maar echt totaal niets voor mij.