Thea Beckman, De kinderen van moeder aarde

Kinderen van moeder aardeBeoordeling: 3 sterren

Ik heb in het verleden genoten van veel boeken van Thea Beckman, zowel toen ik een jaar of 13 was als later in mijn leven bij herlezing. Maar bij de trilogie over Thule voelde ik tot nu toe altijd wat reserve om die te gaan herlezen, al herinnerde ik mij wel dat ik ze allemaal gelezen had.

En die reserves die begrijp ik na het lezen van Kinderen van moeder aarde. Allereerst komt het verhaal erg langzaam op gang. Beckman gebruikt meerdere hoofdstukken om het eiland Thule te schetsen, maar in die hoofdstukken gebeurt er (vooral gezien de jongere doelgroep) niet zo veel. Bovendien is het voor een oudere lezer een te stereotiepe wereld die geschetst wordt. Alles is ongeveer omgekeerd aan onze wereld, maar daardoor is de schets na hoofdstuk 1 ook wel verder in te vullen.

Wat verder stoort is het feit dat het feminisme en de visie van de Club van Rome er zo dik en overdreven bovenop ligt. Het beeld van ‘dé man’ en ‘dé vrouw’ is zo genderbevestigend dat een feminist er eigenlijk buikpijn van zou moeten krijgen. En de oplossing voor de milieuproblematiek doet wel erg Amish-achtig aan.

En toch, toen het verhaal eenmaal op stoom kwam, was het best een interessant en leuk boek en heb ik (met name de laatste helft) snel en met plezier gelezen. Niet zoveel plezier dat ik deel twee en drie ook ga lezen, maar wel met zoveel plezier dat het boek de 1 a 2 sterren die ik aanvankelijk wilde geven.

Christine Pullein-Thompson, Jessie

Beoordeling: 3 sterren

Het is een jeugdboek en het lastige bij jeugdboeken is altijd dat de tekst voor een ander lezerspubliek is bedoeld dan voor mij. Maar het ene kinderboek is het andere niet.

Jessie is een middenmoter. Het is voor kinderen vast een spannend boek, maar het einde is voor de meeste lezers (ook de jongere) nogal voorspelbaar. Je leeft wel mee met de hoofdspersonen en het is zeker een groot avontuur dat zowel Jessie als de verschillende basjes meemaken. Maar het is zeker niet het beste kinderboek dat ik ooit las. Het heeft natuurlijk wel de mooiste titel ooit 😉

 

Edward van de Vendel, Een verhaal met een tong

Beoordeling: 1 ster

Een verhaal met een tong of zoals de ondertitel van dit boek had moeten luiden: Hoe een begenadigd kinderboekenschrijver een saai boek over een oversekste puber wist te schrijven. Het verhaal begint ergens in het niks en gaat ook nergens heen. Weggelegd, 1 ster!

Lieneke Dijkzeul, Blikschade

Beoordeling: 5 sterren

Blikschade is zo’n boek waar je direct door geboeid wordt. De schrijfster laat voldoende weg om je nieuwsgierig te maken, maar geeft je ook zoveel dat je gelijk meeleeft met de hoofdpersoon. De locatie wordt mooi geschetst, de interne strubbeling van Raaf eveneens. De problematiek wordt voor jongeren mooi overgebracht, zonder te opdringerig te zijn. En het taalgebruik is ook nog eens erg mooi, opvallend zonder onprettig leesbaar te worden.

Paul Biegel, Wegloop

Beoordeling: 3 sterren

De wegloop is een mooi en goed geschreven kinderverhaal. Voor een volwassen lezer is de vervlechting van de twee verhaallijnen: de historische tijd en het moderne verhaal. Biegel schrijft als altijd zeer leesbaar, prettig en je wilt best weten hoe het afloopt. Maar ik heb Biegel beter gezien.

Harm de Jonge, De geur van roestig ijzer

Beoordeling: 3 sterren

In de reeks Kidsbibliotheek heb ik inmiddels al een paar leuke boeken gelezen. De geur van roestig ijzer was een aardig boek. Ik vond het verhaal niet zo heel boeiend, bij vlagen traag, maar uiteindelijk bleken de personages interessant genoeg om het boek uit te lezen. Voor kinderen die in een soortgelijke situatie zitten, kan ik me voorstellen dat het een boeiend boek kan zijn, maar ik werd er niet heel warm van. Behoorlijk goed geschreven, maar niet spannend genoeg: drie sterren.

Lydia Rood, Kus

Beoordeling: 5 sterren

Ik heb dit boek een paar jaar terug al gelezen en ook nu ben ik weer blij verrast door Kus van Lydia Rood. Het verhaal heeft een mooie opbouw en een (opnieuw) verrassend einde. DE manier waarop Rood in Kus de diverse toneelstukken heeft gebruikt om de relatie tussen vader en dochter te weerspiegelen is goed gedaan: een prachtige metafoor. Een geweldig boek!

M. Christina Butler, The dark, dark night (In de donkere nacht)

Beoordeling: 5 sterren

Soms vindt je kind een boek zó leuk, dat het dat elke dag opnieuw meerdere keren wil lezen. Dat gold bij ons thuis een paar maanden voor In de donkere nacht. Het boek (dat ik als kerstpakket had uitgekozen), trok mij vooral door de mooie donkere tekeningen. Het verhaal spreekt een tweejarige echter goed aan en heeft een leuke twist. Een goede aankoop en een aanrader voor anderen met kleintjes thuis.

Boer Boris in de sneeuw

https://i0.wp.com/s.s-bol.com/imgbase0/imagebase/large/FC/3/0/7/1/9200000015511703.jpg?resize=198%2C200&ssl=1

Beoordeling:

Wij als gezin zijn fan van Boer Boris. Was Boer Boris naar de markt om allerlei taaltechnische redenen geen vijf sterren waard, Boer Boris in de sneeuw is 5 sterren. Het boek is niet alleen mooi getekend, grappig en talig mooi, het heeft ook een veel beter kloppend metrum. De uitroep van broer Berend die in een wak valt “straks ben ik doodgegaan” blijft briljant. Topboek!

Caja Cazemier, De eerste keer

Beoordeling: 1 ster

Howel Caja Cazemier populair is onder jongeren, kon haar boek De eerste keer mij niet bekoren. Ik heb het boek zelfs bijna een paar keer weggelegd. Het grootste probleem is de grote hoeveelheid uitleg die Cazemier geeft (een manco waar meer moderne schrijvers mee kampen). Na een mooie zin, volgt een concretisering, omdat de schrijver bang is niet begrepen te worden. Daardoor wordt een boek twee keer zo dik, maar ook twee keer zo traag. Een voorbeeld:

“Bezorgd keek Lynn naar de lucht, die nog steeds grijs was. Ze wilde liever niet weer in de regen fietsen.”

Iedereen weet dat als je bezorgd naar een grijze lucht kijkt, je angst is dat het gaat regenen, zeker binnen de context van dit verhaal waarin de hoofdpersonen al eerder in de regen gefietst hebben. Dat hoef je mij niet uit te leggen en ook een lezer van rond de 13/14 niet. Die kijken tijdens het naar school fietsen vaak genoeg bezorgd naar boven.

Een ander probleem is de puberale manier van schrijven. Cazemier wil een broeiierige zomer beschrijven; de manier waarop de seksuele passages worden beschreven zijn echter puberaal enbijna lachwekkend. Je hebt eerder het idee de hormonale  fantasieën van een dertienjarige puber leest dan het werk van een gerenommeerd schrijfster van jeugdliteratuur.

Een laatste probleem met het boek is de ongeloofwaardigheid: het boek zit vol losse eindjes, verdwijnende personages, zoals Maartje en Lynn en onduidelijkheden waar je als lezer mee blijft zitten. Kortom: een boek dat op veel terreinen tekort schiet en een knieval is voor het publiek in plaats van een stap omhoog op de literaire ladder.