James Bond: Spectre (regie: Sam Mendes)

Beoordeling: 4 sterren

De nieuwste James BondSpectre, is een goede, een spannende, niet de beste, maar wel veel beter dan veel van de films van de laatste jaren.

Wat is er spannend? Vooral de opening is spectaculair en maakt erg nieuwsgierig. Bovendien komt ook deze film weer erg dicht bij de persoon van Bond zelf, net zoals Skyfall. Wat bovendien erg goed is aan deze film is dat er veel verwijzingen in zitten naar andere Bond-films, zoals de vechtscène in de trein die doet denken aan From Russia with love en de achtervolging in het hoofdkantoor van MI6 verwijst naar het doolhof in The man with the golden gun. Voor een Bond-fan erg leuk, maar wanneer je die kennis niet hebt, blijft de film ook leuk.

Maar dan de kritiekpuntjes. Met Spectre plaatst de film zich in een lange traditie waarin deze organisatie een rol speelt in de Bond-films. Deze lijntjes vanuit het verleden worden echter wat geforceerd aan elkaar en aan het persoonlijk leven van James Bond gekoppeld.  Iets waar je als argeloze kijker minder last van hebt, dan wanneer je meer films hebt gezien hebt. Een zeer vermakelijke avond is in elk geval gegarandeerd.

Bassie en Adriaan en James Bond

Bassie en AdriaanHet klinkt als een rare combinatie James Bond en Bassie en Adriaan. Toch heb ik na het kijken van alle Bondfilms en het bekijken van de oude (jaren ’70 en ’80) avonturen van Bassie en Adriaan wel het één en ander over deze twee reeksen te melden. Maar eerst mijn oordeel over Bassie en Adriaan.

 

De  7 oude series

De plaaggeest heeft mij altijd het minste aangesproken. Hij is nauwelijks uitgezonden toen ik jong was en daardoor heb ik er minder emotie bij. Ook bij het herkijken vond ik deze het minst leuk: de serie is meer slapstick en clownsact, dan een avontuur en mist ook de nodige coherentie. Het tweede avontuurHet geheim van de sleutel, is het begin van de traditionele Bassie en Adriaan met de typische boeven en andere elementen. Dat wordt in De diamant doorgezet met nagenoeg dezelfde bezetting. Beide series kan ik me goed herinneren, vooral de verkleedpartij in De diamant. Ik voelde destijds erg mee met onze helden en ik snap nu nog steeds goed hoe dat in dit verhaal wordt gedaan.
Daarna lijkt er wat overmoed in de makers te varen: er komt een nieuwe boef, De huilende professor, ineens moeten Bassie en Adriaan naar het buitenland, maar het verhaal is minder samenhangend en het exotische zingt deze serie wat los van de stevige basis. In Het geheim van de schatkaart gaan Bassie en Adriaan weer naar Lanzarote, maar de basis voor het verhaal ligt in Nederland, met de boeven en een verhaal met een logische basis om naar het buitenland te gaan.
Pas bij de De verdwenen kroon keren Bassie en Adriaan weer helemaal terug bij de basis uit De sleutel en De diamant. De verzonken stad combineert uiteindelijk de traditie en het reizen op een mooie manier. Leuk detail is dat men in 1989 uit moest leggen wat een fax is en dat ik dat nu aan veel leerlingen weer moet, maar dan omdat de tijd van de fax voorbij is. Deze laatste is wat mij betreft dan ook de beste Bassie en Adriaan.

De jaren ’90-series kregen een wat andere opzet vanwege de geheimzinnige opdrachtgever die in beide series een rol speelt en de grotere nadruk op educatie. Bassie en Adriaan slaan meer aan het puzzelen en hoewel ze ook hier door de boeven, die vooral vanuit wraakzucht en minder vanuit hebzucht handelen, worden achternagezeten, speelt dat op een ander vlak een rol.

En James Bond dan?

James BondBij het zien van Bassie en Adriaan viel mij op dat deze serie veel overeenkomsten vertoont met James Bond. Ik vraag me zelfs hardop af of Bas en Aad niet zelf ook fan zijn van de films over 007. Niet alleen komen spionnen expliciet voor in de serie De huilende professor, ook diverse elementen komen in beide voor.

Allereerst strijden zowel Bond als Bassie en Adriaan tegen boeven met overduidelijke boeventronies. Rare trekjes, rare pakjes, de boeven zijn duidelijk als boeven herkenbaar. Vergelijk bijvoorbeeld Jaws (James Bond) met B100 (Bassie en Adriaan).
Ook gebruiken beide series vooruitstrevende technische snufjes om de strijd met het kwaad aan te binden. Afluisteraparatuur, computers; in Bassie en Adriaan komt het vanaf begin jaren ’80 voor, bij James Bond uiteraard nog veel eerder. Maar in veel andere kinderprogramma’s uit die tijd zoals Buurman Bolle en de Familie Knots spelen dat soort zaken nauwelijks of niet een rol.
Verder achtervolgen goed en kwaad elkaar regelmatig in beide reeksen. Dat gebeurt zowel door 007 als door de clown en acrobaat per auto, boot, vliegtuig, helikopter, duikapparatuur en (water)ski’s. Die achtervolgingen vinden op allerlei locaties plaats, ook exotische zoals een vulkanisch meer (Huilende professor, vergelijk dit met You only live twice).
Ten slotte komt de rolverdeling aardig overeen. Waar James Bond een vaak dommig meisje meekrijgt om hem te ondersteunen, heeft Adriaan Bassie om hem te assisteren.

Bassie en Adriaan lijkt schatplichtig aan de boeken van Ian Flemming en de daarvan afgeleide filmreeks. Niemand die wat met deze observaties kan, maar het was een leuke aanleiding om eens over Bassie en Adriaan te schrijven.

James Bond: Never say never again (regie: Irvin Kershner)

Never say never againBeoordeling: 1 ster

Never say never again, de apocriefe Bond, de échte laatste met Sean Connery, maar het is duidelijk geen echte Bond. Doordat er auteursrecht zit op bepaalde zaken uit de originele films is er erg veel anders: de traditionele opening door de pistoolloop bijvoorbeeld of bepaalde namen en rollen.

Maar als je dan een tegen-Bond wilt maken, maak dan alsjeblieft een goede film. Deze is nog slechter dan Quantum of Solace. Rondom Sean Connerey, die goed blijft spelen, staan allemaal slechte acteurs. Ook is de kwaliteit van opnames, locaties en techniek minder hoog dan bij vergelijkbare films uit die tijd.

Wel hebben de makers van Never say Never again de Bond-humor goed te pakken, maar ze neigen bij vlagen ook wel naar een soort parodie op het Bond-genre. Het is natuurlijk geen Austin Powers, maar maakt wel dat je je soms ergert aan de film. De grootste ergernis is echter de muziek: wat is die ver-schrik-ke-lijk slecht!

Een mislukt experiment dat (gelukkig) geen navolging gevonden heeft.

James Bond: Casino Royale (regie: Martin Campbell)

Casino RoyaleBeoordeling: 3 sterren

Met Casino Royale komt een nieuwe James Bond het witte scherm op: Daniel Craig. Daarmee wordt ook een nieuwe stap in de ontwikkeling van de Bond-films ingeluid. Dat is echter een stap waar ik niet zo blij mee ben.

Casino Royale is namelijk geen slechte film, maar wel een slechte James Bond. Dat komt vooral doordat de vaste elementen en de vaste structuur van een 007 zijn losgelaten. Geen bezoek aan het kantoor van M, geen laboratorium van Q. Ook zoekt de film de grens van het geloofwaardige op met bijvoorbeeld de defibrilatie die Bond zichzelf toedient.

Maar het is niet alles kommer en kwel: het is op zichzelf een goede actiefilm. Mads Mikklesen speelt een fantastische (en totaal andere) rol dan in Jagten. De opening is spectaculair en erg van deze tijd met ‘free running’. De pokerstrijd tussen Bond en Le Chiffre is spannend, maar als je niet van poker houdt, zakt de film daar wat in.

Kortom: een goede actiefilm, maar een slechte Bond en een opmaat naar het dieptepunt in 50 jaar Bond: Quantum of solace.

James Bond: Die another day (regie: Lee Tamahori)

Die another dayBeoordeling: 3 sterren

Waar de eerste drie James Bond-films met Pierce Brosnan de reeks weer stevig neerzetten, wordt met Die another day de grote dip ingeluid. Maar laat ik positief beginnen. Deze eerste 007 van de nieuwe eeuw is mooi gemaakt, heeft een edge en op zich een goed verhaal.

Maar er is wel het een en ander aan te merken op deze film. De computergraphics zijn niet zo goed, zeker niet als je dat vergelijkt met bijvoorbeeld Star Wars, episode 1 van enkele jaren ervoor. De manier van filmen is mij wat te ‘Japans’ wat te manga-achtig. Ook kent e film enkele scènes die nogal over the top zijn: een lasergevecht, de gigantische zonnestraal, het ijspaleis waar James Bond verblijft en het oerwoud in de broeikas.

Deze laatste paar zaken zijn in enkele eerdere Bond-films al voorgekomen, zoals een zonnelaser in The man with the golden gun en een extravagante locatie zoals de vulkaan in You only live twice. Maar de optelsom van al deze zaken, maakt Die another day te barok voor een James Bond-film.

James Bond: The world is not enough (regie: Michael Apted)

The world is nog enoughBeoordeling: 4 sterren

Hoewel ik altijd het gevoel had dat de Bonds richting de millenniumwisseling minder goed werden blijkt dat vooral pas na 2000 het geval te zijn. The world is not enough bevat nog steeds wel veel ruige actie en iedere crimineel bewaart blijkbaar zijn zwaarexplosieve stoffen buiten, zodat James Bond ze gemakkelijk kan opblazen, maar het is wel een goede, leuke 007.

Naast het goede verhaal en de prachtige locaties, bevat deze film alles wat een goede Bond nodig heeft: een interessante crimineel, slimme gadgets, een achtervolging (en ja, weer een skiscène), twee interessante vrouwelijke bijrollen, mooie locaties en humor. Die laatste wordt vooral ingebracht door John Cleese, die de rol van Q over gaat nemen nadat Desmond Llewelyn deze vanaf From Russia with love heeft gespeeld.

Een leuke James Bond-film, maar ik merk wel dat ik toch eerder de oudere Bonds uit de kast zou herpakken dan deze.

James Bond: GoldenEye (regie: Martin Campbell)

GoldenEye PosterBeoordeling: 5 sterren

Ik herinner mij nog goed dat ik GoldenEye in 1995 voor het eerst zag. Ik was nog geen 12 jaar en ging in mijn eentje naar de toenmalige bioscoop in Borne. De film maakte destijds een verpletterende indruk op mij. Vooral mijn schrik op het moment dat het lichaam van de Canadese luchtmachtkapitein uit de kast valt, kan ik me nog levendig herinneren.

Toch merk ik bij het herkijken van de film dat ik toch veel ben vergeten van het verhaal. Het verhaal dat goed in elkaar zit, enige historische lading heeft (het zijn weer de Russen), maar wel in een modern jasje is gestoken. Ook technisch heeft de film weer een sprong gemaakt sinds de vorige Bond evenals de special effects. Wat dat betreft de sfeer en combinatie van nieuw en traditioneel doet de film me ook wel aan Skyfall denken, terwijl het toch een heel andere film is.

Ik vind het wel grappig te zien dat deze film, die ik tot de eerste van ‘mijn tijd’ reken, toch ook al weer sterk verouderd is in o.a. beeldkwaliteit. De film is dan ook 18 jaar oud. Maar het blijft wel een van de toppers in de Bond-traditie.

James Bond: Licence to kill (regie: John Glen)

Licence To Kill PosterBeoordeling: 3 sterren

Ook de tweede (en laatste) film waarin Timothy Dalton James Bond speelt, is een leuke film. Hij is alleen niet zo origineel. Licence to kill kopieert veel van wat al is gedaan en dat is jammer.

Zo doet het sfeertje van de film zeer sterk denken aan dr. No, de mannelijke hulp van Bond is van hetzelfde type als Quarrel in o.a. Live and let die en grote drugsbendes zijn we ook al eerder tegengekomen in alweer Live and let die.

Kortom: een leuke film, alleen niet zo origineel en niet het sfeertje dat mij het meest aanstaat.

James Bond: The living daylights (regie: John Glen)

The Living Daylights PosterBeoordeling: 5 sterren

Met een nieuwe Bond-acteur doet zich altijd een nieuwe stap voor in de ontwikkeling van de James Bond-films. Toch lijkt het ook altijd alsof men bij een nieuwe 007 weer op de essentie van de traditie teruggrijpt. Dat gebeurt ook bij The living daylights

Het verhaal is erg traditioneel: de Russen vormen het probleem waar James Bond zich aan moet wagen. De film doet wat plot sterk denken aan From Russia with love, maar in veel andere opzichten is deze film wel degelijk anders.

De rol van de Bond-girl is actiever, zeker in vergelijking met de bimbo in de vorige film. Ook is de film actueler, met een politiek probleem in Afghanistan als achtergrond voor Bonds acties. Timothy Dalton zet overigens een andere Bond neer dan Roger Moore: meer gericht op actie en minder op de droge humor.

Toch is de film ook een typische Bond, and I like it!

James Bond: A view to a kill (regie: John Glen)

A View To A Kill PosterBeoordeling: 4 sterren

Er valt een heleboel aan te merken op A view to a kill. Misschien verdient deze film wel geen vier sterren. Maar deze film maakt toen ik 9 a 10 was zo’n grote indruk, dat ik begin met wat ik goed vind aan de film.

Het verhaal is passend bij de tijd: een nieuwe schurk, nieuwe techniek, nieuwe omgeving. Ook zet Grace Jones een erg krachtige vrouwelijke slechterik neer, sterker in elk geval dan Christopher Walken. De achtervolging door Parijs is spannend en leuk, de achtervolging met de brandweerwagen is spectaculair.

Maar wat is er dan mis, dat is helaas eigenlijk meer dan het goede. Roger Moore (en Moneypenny) is te oud voor zijn rol. Net als Sean Connery in Diamonds are forever is ook Roger Moore net iets te lang doorgegaan met zijn rol als 007.
Daarnaast is er naast de goede achtervolgingsscènes ook weer (als opener) een ski-scène, net als in For your eyes only, The spy who loved me, On her majesty’s secret service en diverse andere.
Dan de Bond-girl. Tanya Roberts, die ik me bewuster van That 70’s show herinner dan van deze Bond-film, zet een sullige, nuffige, domme bimbo neer. Blijkbaar is dat het enige dat ze kan spelen. Er is daardoor totaal geen spanning tussen haar en Bond, waar die er in veel andere Bond-films wel is. De spanning tussen Bond en May Day is vele malen groter.

Een klassieker in mijn ogen, maar dat is meer op sentiment gestoeld, dan op de kwaliteit van de film. Dat had ik al eerder, maar daaraan moet je ook kunnen toegeven.