Speech nieuwjaarsborrel D66 ‘s-Hertogenbosch

Beste democraten, beste collega-politici, beste D66-vrienden uit de regio,

Als voorzitter van de afdeling wil ik u allen een prachtig 2016 wensen. Op zo’n moment kijk je als mens of organisatie terug op wat geweest is en vooruit naar wat kan komen. Dat wil ik ook kort met u doen. Maar voordat we bij allerlei politieke zaken stilstaan, moeten we eerst stilstaan bij wat wij als mensen meemaken. Want los van ons politieke werk of onze politieke hobby, maken we vooral in ons persoonlijk leven van alles mee: kinderen krijgen, verhuizen, samen gaan wonen, werkloos raken, scheiden of ernstig ziek worden. In bijzonder wil ik stilstaan bij het overlijden van Leo Markensteijn afgelopen dinsdag. Het eerste raadslid van D66 in Rosmalen, betrokken inwoner van onze gemeente, actief bij onder andere FC Den Bosch en de Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies. Wij wensen zijn familie, vrienden en bekenden veel sterkte bij dit verlies.

Maar als we als D66 terugkijken en vooruitkijken zien we de eerste verjaardag van de huidige coalitie op ons afkomen op 27 januari. Een jaar geleden zaten we rond de onderhandelingstafel, nu kunnen we de eerste successen vieren: de Graduate School en een proces rond het inrichten van het AZC waarbij burgers vanaf het begin nauw betrokken waren. Andere politiek die vooruit kijkt met de inwoners van onze dorpen, kernen en stad.

Maar voor 2016 hebben we nog veel moois om op vooruit te blikken: er komt een jaar op ons af waarin de fractie en wethouder in de raad nog het nodige voor elkaar te boksen hebben, maar ook de energie en ruimte hebben ons programma verder te realiseren. Met een vernieuwd bestuur werken we aan een professionelere afdeling en zetten we de eerste stappen richting de voorbereidingen voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 en met de meer dan 50 actieve leden van onze afdeling gaan we diverse inhoudelijke thema’s ontwikkelen.

Enkele concrete punten: in het komende jaar komt het eerste D66-magazine uit voor onze afdeling. Camille en René zijn hier hard mee aan de slag en de eerste proefversies zien er erg mooi uit. Met het bestuur gaan we weer ledenactiviteiten opzetten zodat de vele nieuwe gezichten die we de laatste maanden hebben gezien een plek kunnen vinden binnen D66. Verder zetten we samen met D66 landelijk in op ledenwerving: stemt iemand in jouw omgeving D66, waarom vraag je niet of diegene ook lid wordt? In april stemt Nederland over het verdrag tussen de EU en de Oekraïne. D66 grijpt deze kans aan om de kracht van Europa te laten zien: economisch is de Oekraïne een sterke handelspartner, samenwerking met Europa zorgt voor politieke stabiliteit in de regio en het versterkt de rechtstaat binnen de Oekraïne.

Mooie maanden wachten ons als D66. Ik wens dat u ook persoonlijk mooie maanden en een mooi jaar te wachten staat. Proost op een mooi 2016!

(Deze tekst is ook uitgesproken bij de nieuwjaarsborrel van D66 ‘s-Hertogenbosch op 8 januari 2016)

Fijne feestdagen!

Ik wens iedereen gezellige feestdagen toe!

Column – Word lid van Europese partij ALDE

https://i2.wp.com/vlaardingen.d66.nl/content/uploads/sites/255/2014/01/logo1.jpg?resize=250%2C145&ssl=1Wie lid is van D66, is lid van een pro-Europese partij. D66 wil een beter Europa, niet automatisch meer of minder. En om die idealen te verwezenlijken is D66 aangesloten bij de fractie ALDE (Alliantie van Liberalen en Democraten in Europa). Onder aanvoering van Guy Verhofstadt strijdt ALDE voor een concurrerende groene economie, mensenrechten en een democratisch Europa.

Maar u kunt sinds een paar jaar ook direct lid worden van ALDE: het individual membership. Voor 20 euro per jaar bent u direct betrokken bij de Europese politiek. Op dit moment wordt binnen ALDE hard gewerkt aan het neerzetten van een organisatie: themagroepen, online contact met leden door heel Europa via Slack en allerlei bijeenkomsten in Nederland en op de grens met Duitsland en België.

Als voorzitter van de lokale afdeling van D66 in ’s-Hertogenbosch weet ik dat niet iedereen lid wordt vanwege de Graduate School, groene inpassing van het Transferium-West of een transparante Kring Vrienden. Met Matthijs van Miltenburg uit ’s-Hertogenbosch als fractielid van D66 in Brussel heeft onze afdeling al een bijzondere verbinding met Europa. Die verbinding versterk ik graag met u.

 

Deze column is eerder gepubliceerd op www.d66shertogenbosch.nl.

Column – Reces: dan zit je stil?

https://i2.wp.com/vlaardingen.d66.nl/content/uploads/sites/255/2014/01/logo1.jpg?resize=250%2C145&ssl=1In de zomer ligt de politiek twee maanden stil. Net als in het onderwijs. Ik ben in beide actief, dus ik heb de afgelopen twee maanden op het strand gelegen of weer eens kennisgemaakt met mijn kinderen zoals politici graag doen. Deels klopt dat, maar grotendeels niet.

Het beleidsplan, het huishoudelijk reglement, het contact met de voorzitters uit van de buurafdeling en in de regio, contact met de wethouder, fractievoorzitter, uitzoeken en bijlezen van het archief van de afdeling, het voorbereiden van het nieuwe literatuurprogramma, planning van vwo 5, lesplanning voor de eerste periode, boeken lezen: je doet heel wat in zo’n reces.

Toch is een reces of zomervakantie een prettige tijd om alles even op een rijtje te krijgen. Politiek heeft iets onvoorspelbaars: op allerlei momenten veranderen de prioriteiten, moet de aandacht volledig naar een gevallen kabinet, een campagne, een onderwerp zoals het Theater aan de Parade, het puthuis of een brug zo links of rechts.

Ook kun je mooi vooruitkijken naar het politieke jaar dat voor je ligt: een jaar waarin de gemeente voor een spannende bezuinigingsopdracht heeft liggen. Een grote verantwoordelijkheid voor het college en de raad om daar op gepaste wijze invulling aan te geven. Maar ook voor het invullen van onderwerpen uit het collegeakkoord als de Graduate School en het Kenniscentrum in het Paleiskwartier.

Bestuurlijk een jaar waarin het activeren van leden, het invullen van onze themagroepen en het uitzetten van bestuurlijk beleid. Wanneer we dan september 2016 schrijven komt de afdeling alweer in een heel andere fase terecht: dan gaat het bestuur de eerste stappen zetten op weg naar de voorbereidingen van de verkiezingen in 2018, waarvoor in januari 2017 de eerste knopen worden doorgehakt. Een druk jaar wacht ons (zoals altijd), dus kom meedoen!

Deze column is eerder geplaatst op www.d66shertogenbosch.nl.

Column: Voor en achter de schermen

stock-footage-theater-red-curtain-and-spotlightDeze column werd ook geplaatst op https://shertogenbosch.d66.nl/2015/05/30/voor-en-achter-de-schermen/

De afgelopen week werden de twee nieuwe theaterontwerpen gepresenteerd. Wat achter de schermen werd voorbereid, kwam in de spotlight te staan. Twee mooie ontwerpen, waarbij ik wel een duidelijke voorkeur al heb uitgesproken. En ook het nieuwe theaterprogramma voor het seizoen 2015-2016 werd onlangs gepresenteerd: achter de schermen keihard aan gewerkt en op kortere of langere termijn voor de schermen te zien. Dat wordt volgend jaar hopelijk weer smullen, maar 2 juni eerst Pieter Derks.

Die theatermetafoor geldt ook voor de zaken waar het bestuur van D66 ’s-Hertogenbosch aan werkt. De nieuwe structuur is op de laatste afdelingsvergadering in de spotlight geplaatst, maar komt met name op 9 juni in de volle schijnwerpers. We starten dan de themagroepen en zorgen daarmee voor inhoudelijke discussie en samenwerking in de afdeling. Ruim 40 mensen hebben zich al aangemeld, maar wilt u actief worden, dan kan dat natuurlijk nog steeds viathemagroepend66ht@gmail.com.

Daarnaast werkt het bestuur op dit moment achter de schermen nog aan diverse andere zaken voor de toekomst. Tot de zomer wordt gewerkt aan een beleidsplan tot 2018, via diverse wegen worden leden opgeroepen voor de bijeenkomst op 9 juni en we zoeken bovendien versterking voor verschillende vacatures. Kortom: voor en achter de schermen gebeurt er een heleboel bij D66 ’s-Hertogenbosch. Nog geen lid? Doe mee!

Fijne feestdagen!

Bassie en Adriaan en James Bond

Bassie en AdriaanHet klinkt als een rare combinatie James Bond en Bassie en Adriaan. Toch heb ik na het kijken van alle Bondfilms en het bekijken van de oude (jaren ’70 en ’80) avonturen van Bassie en Adriaan wel het één en ander over deze twee reeksen te melden. Maar eerst mijn oordeel over Bassie en Adriaan.

 

De  7 oude series

De plaaggeest heeft mij altijd het minste aangesproken. Hij is nauwelijks uitgezonden toen ik jong was en daardoor heb ik er minder emotie bij. Ook bij het herkijken vond ik deze het minst leuk: de serie is meer slapstick en clownsact, dan een avontuur en mist ook de nodige coherentie. Het tweede avontuurHet geheim van de sleutel, is het begin van de traditionele Bassie en Adriaan met de typische boeven en andere elementen. Dat wordt in De diamant doorgezet met nagenoeg dezelfde bezetting. Beide series kan ik me goed herinneren, vooral de verkleedpartij in De diamant. Ik voelde destijds erg mee met onze helden en ik snap nu nog steeds goed hoe dat in dit verhaal wordt gedaan.
Daarna lijkt er wat overmoed in de makers te varen: er komt een nieuwe boef, De huilende professor, ineens moeten Bassie en Adriaan naar het buitenland, maar het verhaal is minder samenhangend en het exotische zingt deze serie wat los van de stevige basis. In Het geheim van de schatkaart gaan Bassie en Adriaan weer naar Lanzarote, maar de basis voor het verhaal ligt in Nederland, met de boeven en een verhaal met een logische basis om naar het buitenland te gaan.
Pas bij de De verdwenen kroon keren Bassie en Adriaan weer helemaal terug bij de basis uit De sleutel en De diamant. De verzonken stad combineert uiteindelijk de traditie en het reizen op een mooie manier. Leuk detail is dat men in 1989 uit moest leggen wat een fax is en dat ik dat nu aan veel leerlingen weer moet, maar dan omdat de tijd van de fax voorbij is. Deze laatste is wat mij betreft dan ook de beste Bassie en Adriaan.

De jaren ’90-series kregen een wat andere opzet vanwege de geheimzinnige opdrachtgever die in beide series een rol speelt en de grotere nadruk op educatie. Bassie en Adriaan slaan meer aan het puzzelen en hoewel ze ook hier door de boeven, die vooral vanuit wraakzucht en minder vanuit hebzucht handelen, worden achternagezeten, speelt dat op een ander vlak een rol.

En James Bond dan?

James BondBij het zien van Bassie en Adriaan viel mij op dat deze serie veel overeenkomsten vertoont met James Bond. Ik vraag me zelfs hardop af of Bas en Aad niet zelf ook fan zijn van de films over 007. Niet alleen komen spionnen expliciet voor in de serie De huilende professor, ook diverse elementen komen in beide voor.

Allereerst strijden zowel Bond als Bassie en Adriaan tegen boeven met overduidelijke boeventronies. Rare trekjes, rare pakjes, de boeven zijn duidelijk als boeven herkenbaar. Vergelijk bijvoorbeeld Jaws (James Bond) met B100 (Bassie en Adriaan).
Ook gebruiken beide series vooruitstrevende technische snufjes om de strijd met het kwaad aan te binden. Afluisteraparatuur, computers; in Bassie en Adriaan komt het vanaf begin jaren ’80 voor, bij James Bond uiteraard nog veel eerder. Maar in veel andere kinderprogramma’s uit die tijd zoals Buurman Bolle en de Familie Knots spelen dat soort zaken nauwelijks of niet een rol.
Verder achtervolgen goed en kwaad elkaar regelmatig in beide reeksen. Dat gebeurt zowel door 007 als door de clown en acrobaat per auto, boot, vliegtuig, helikopter, duikapparatuur en (water)ski’s. Die achtervolgingen vinden op allerlei locaties plaats, ook exotische zoals een vulkanisch meer (Huilende professor, vergelijk dit met You only live twice).
Ten slotte komt de rolverdeling aardig overeen. Waar James Bond een vaak dommig meisje meekrijgt om hem te ondersteunen, heeft Adriaan Bassie om hem te assisteren.

Bassie en Adriaan lijkt schatplichtig aan de boeken van Ian Flemming en de daarvan afgeleide filmreeks. Niemand die wat met deze observaties kan, maar het was een leuke aanleiding om eens over Bassie en Adriaan te schrijven.

5 decades of Bond

James BondToen ik vorig jaar met Kerstmis alle James Bond-films op dvd kreeg van Jessie ben ik vrij snel begonnen deze te kijken. De afgelopen maanden verscheen er elke twee weken een recensie over deze films. En bij mijn vertrek op het Canisius College kreeg ik van mijn sectiegenoten ook Never say never again. Ik heb dus alle Bonds in het afgelopen jaar gezien en besproken.

Wat heeft mij dat geleerd, wat kan ik zeggen over 50 jaar James Bond? Bovenal dat ik een Bond-fan ben. Ik vind (op één na) alle films minstens vermakelijk en de meeste zelfs erg leuk tot briljant.

Daarnaast zijn de makers van deze films erg fan van achtervolgingen door de sneeuw. De diverse 007’s hebben regelmatig op de ski’s gestaan. Ik heb daarvan ook meerdere keren melding gemaakt (1, 2, 3, 4). Dat wordt op een gegeven moment bijna een soort running gag.

De beste?

Welke films vind ik nou het beste? En wat vind ik belangrijk in een Bond. De beste films zijn (in chronologische volgorde) You only live twice, The man with the golden gun, Octopussy, The living daylights en Goldeneye. Daarin komt duidelijk mij voorkeur voor Roger Moore naar voren: drie van de zes vijfsterrenfilms tonen hem in de rol van 007. Toch zijn deze films ook divers: grote gevechten (You only live twice) of juist één tegen één (The man with the golden gun), modern (Skyfall) of juist oud (You only live twice). Wel valt op dat de eerste of de laatste film met een bepaalde acteur er vaak tussen zit (4 van de zes). Of dat wat zegt, geen idee.

Daarnaast zie je in de films die ik minder waardeer dat deze vaak een zwakker verhaal (Diamonds are forever, Moonraker, Quantum of solace), idiote locaties (Moonraker en Die another day) en een zekere saaiheid (Casino RoyaleDr. No) hebben.

De ranking

Sluiten we af met de ranking. Alle Bonds van top naar flop:

Skyfall
The man with the golden gun
Goldeneye
The living daylights
Octopussy
You only live twice

From Russia with love
For your eyes only
Tomorrow never dies
The world is not enough
Goldfinger
A view to a kill
The spy who loved me
Live and let die
Thunderball

On her majesty’s secret service
Die another day
Moonraker
Dr. No
Diamonds are forever
Casino Royale

Quantum of solace

Never say never again

 

Het probleem-Beets

Nicolaas Beets

Naar aanleiding van Dichtwerken van Nicolaas Beets wil ik in deze column het probleem-Beets eens bespreken. Ook ik vraag mij namelijk af of dit wel een echt probleem is.

Het probleem is door de literatuurhistorici van de 20e eeuw benoemd. K. Heeroma omschreef het als de vraag ’Hoe […] het mogelijk [is] dat iemand op zijn zesentwintigste een geniaal boek schrijft en daarna zestig jaar lang zich zonder protest een leven van gekroonde onbenulligheid kan laten welgevallen?’ Oftewel, waarom kan iemand die de Camera Obscura schreef, zich daarna verlagen tot een burgertrut die alleen maar keurige domineespoëzie schreef? Maar zegt deze vraag niet meer over de onderzoeker of de toenmalige literaire bril dan over Nicolaas Beets.

De studietijd is voor veel 19e-eeuwers een periode in hun leven waarin zij experimenteren, zowel literair als anderszins. En is dat voor ons zoveel anders? Ikzelf heb mij in mijn studietijd met zeer veel verschillende zaken beziggehouden: een alternatieve culturele studentenvereniging, een poëziefestival, het schrijven van teksten, het oprichten van een dansvereniging, werken bij diverse werkgevers, een studie en activiteiten in de politiek. En veel daarvan doe ik nu niet meer: ik heb keuzes gemaakt en doe dat wat bij mij past. Bovendien geldt tegenwoordig voor veel studenten dat zij hun Facebook-, Twitter- en Dat wat je baas beter niet kan zienandere accounts schoonvegen zodra zij afgestudeerd zijn, uit angst voor de nieuwe baas.

Wij zijn op al deze vlakken niet anders dan de 19e-eeuwse student. Ook die experimenteerde in zijn studententijd, zoals Beets dat met zijn interesse in Byron deed. Twee andere voorbeelden sluiten hierbij aan. Van Eliza Laurillard weet ik uit mijn onderzoek voor mij bachlorscriptie dat hij al zijn schrijfwerk uit zijn studietijd heeft verbrand, om met een schone lei (om het in mijn eigen woorden te zeggen) te beginnen.

Een nog veel duidelijker voorbeeld is De lotgevallen van Klaasje Zevenster, de tegelijk populaire als verguisde roman van Jacob van Lennep. Het is een beetje The hangover van de negentiende eeuw. Tijdens hun studietijd vinden enkele vrienden een vondeling die ze samen groot zullen brengen. Wanneer na hun studie echter elk zijn eigen beslommeringen heeft, is het de vraag wie de zorg voor Klaasje op zich wil, kan en moet blijven nemen. Een experiment met verstrekkende gevolgen in het daaropvolgende burgerlijke leven van de mannen.

Zo heeft Beets zijn (geslaagde) experiment Camera Obscura ook bezien. Een overblijfsel uit zijn studententijd, toen niet wetende wat voor nasleep dit werk zou hebben. De kater voor later. Maar is dit een probleem? Nee, het biedt juist mogelijkheden voor literair onderzoek.

Ten eerste zou eens uitgebreid onderzocht moeten worden of dit een niet veel meer voorkomend fenomeen is: een student die na zijn studie de experimenten uit deze tussenfase tussen jeugd en verantwoorde volwassenheid achter zich laat.

Daarnaast zou het probleem-Beets nu eens niet inhoudelijk moeten worden benaderd. Er zijn inhoudelijke verschillen, maar is de stijl van Beets nu zoveel veranderd na zijn studietijd? Analyseer de vorm van zijn werk van tijdens en na zijn studietijd op woord-, zins-, kortom, taalniveau. Wellicht vinden we dan meer overeenkomsten dan verschillen.

Onderzoek Levende Talen naar verschil CE-SE

Infographic Levende Talen

Het is alweer bijna twee maanden geleden, maar Levende Talen heeft onderzoek gedaan onder talendocenten naar hun ervaringen rondom het verschil tussen CE en SE. De onderwijsinspectie stuurt namens de overheid op een zo klein mogelijk verschil tussen het CE- en SE-cijfer. Dat gebeurt op schoolniveau en vanuit de school op vakniveau en soms zelfs op docentniveau.

Nu roepen ik en mijn collega’s bij de talen al jaren dat deze indicator voor de talenvakken helemaal geen goede indicator is. Levende Talen brengt die kritiek nu samen in een goedverzorgd rapport: Effect van sturing op de discrepantie tussen de cijfers van het centraal examen en het schoolexamen bij talen.

Ik kan zelf een hoop woorden spenderen aan de kern van de kritiek, maar het persbericht van de vereniging is hierover helder:

Het verschil tussen de cijfers van het schoolexamen en het centraal examen in het voortgezet onderwijs mag niet te groot zijn. Onderzoek naar de effecten van de sturing op het verkleinen van dit verschil laat zien dat deze sturing vooral leidt tot nog meer ‘teaching to the test’. Leraren Nederlands en Moderne Vreemde Talen worden onder druk gezet om steeds meer aandacht te besteden aan de training van het centraal examen en dat bestaat uit leesvaardigheid, waardoor er steeds minder tijd en aandacht overblijft voor andere taalvaardigheden, zoals schrijven en spreken.
[…]
In dit licht is het niet verwonderlijk dat het hoger onderwijs klaagt over de taalbeheersing van instromende studenten: ze kunnen misschien wel steeds beter meerkeuzevragen beantwoorden bij cito-teksten, maar of ze een studietekst ook werkelijk begrijpen, of zelf een verslag kunnen schrijven, krijgt steeds minder aandacht in het voortgezet onderwijs.De belangrijkste aanbeveling uit het onderzoek, ondersteund door zowel leraren als experts, is om de sturing op het verschil tussen schoolexamencijfers en cijfers voor het centraal examen te beperken door te kijken naar landelijke verschillen per vak en door schoolbestuurders bij te scholen in de kwaliteitsborging van schoolexamens.
[…]

Een flyer met een interessante infographic is ook op de site van Levende Talen te vinden.