Jacob van Lennep, Anekdoten

https://i0.wp.com/www.dbnl.org/auteurs/portret/lenn006_p23.gif?resize=168%2C200Beoordeling: 2 sterren

De negentiende eeuw lijkt wel de eeuw van de notoire verzamelaars en inventarisatiefetisjisten. Naast het prachtige Vertelcultuur in Nederland dat ik nog in mijn kast heb staan en enkele standaardwerken, zoals Brinkman’s Catalogus van Boeken waar ik tijdens mijn studie veelvuldig gebruik van heb gemaakt, is Jacob van Lenneps Anekdoten duidelijk een negentiende-eeuws product.

Het boek is een aaneenrijging van thematisch gerangschikte verhalen en verhaaltjes. Geen verdere ordening, geen kader of context. Gewoon een verzameling anekdoten. Je kunt er dan ook niet heel veel meer mee dan in grasduinen en links en rechts wat lezen. Het is te veel en te ongestructureerd om er lering uit te kunnen trekken. Voor een enkele intellectueel ogende verwijzing is het leuk.

Multatuli, Max Havelaar

Beoordeling: 3 sterren

Max Havelaar heb ik voor de derde keer in mijn leven gelezen. De eerste keer was voor mijn leeslijst op de middelbare school. Ik snapte geen snars van het boek, mijn docent was overspannen dus druk om echt te presteren was er niet, dus ik heb het boek nooit uitgelezen.

De tweede keer was mijn eerste studiejaar. Met moeite heb ik me door het boek gewerkt, het tentamen goed gehaald en me uiteindelijk zelfs gespecialiseerd in de negentiende eeuw. Maar ik heb inmiddels ook veel betere boeken gelezen uit die Ijzeren Eeuw.

Maar ik wilde, nu ik het boek in de Perpetuareeks in de kast heb staan, toch nog weer een kans geven. Het boek zit ingenieus in elkaar en is interessant in zijn opzet. Ook de negentiende-eeuwse humor snap ik een stuk beter met de kennis van de negentiende eeuw die veel groter is geworden sinds 2003. Maar het boek blijft ook lastig te doorgronden. De verhandelingen over de wijze waarop het cultuurstelsel functioneert in Lebak zijn nogal saai, hoewel ze het kernpunt vormden voor Multatuli’s reden het boek te schrijven.

Drie sterren klinkt lekker gemiddeld en gek laag voor het derde beste boek uit de Nederlandse literatuur. Toch blijft het boek voor mij vooral erg interessant, maar niet zo heel leesbaar.

 

Dimitri Verhulst, Problemski hotel

Beoordeling: 3 sterren

Problemski hotel is het vierde boek van Verhulst dat ik las en met elk boek wordt Verhulst fragmentarischer: De helaasheid der dingen is nog een coherente roman, Godverdomse dagen op een godverdomse bol was al fragmentarischer en met Problemski hotel laat Verhulst de verhaallijn bijna helemaal los. Dat is mij echter te los en kan ik ook niet zo enthousiast over dit boek zijn als over eerdere boeken en zijn boekenweekgeschenk.

En dat terwijl dit thema, de asielzoeker, mij zeker interesseert. Niet alleen omdat ik dat in het werk van bijvoorbeeld Abdolah al erg leuk vond, maar vooral omdat ik het toneelstuk voor de toneelclub van de Grundel in 2000 over dit thema schreef. De verhalen van Verhulst zijn dan ook op zichzelf erg interessant. De structuur, maar ook de stijl vermoeien echter te veel tijdens het lezen. De stijl wordt soms erg grof, stevig en past minder goed bij sommige fragmenten in mijn ogen. Een aardig boek, maar geen topper.

A. Defresne, Het gehucht (boekenweekgeschenk 1958)

Beoordeling: 2 sterren

Wat een saai, nikszeggend boek met een storende alwetende verteller. Hij kijkt neer op de mensen in Het gehucht. Het verhaal sleept zich wat voort na de aanvankelijke set dressing. Ik heb het boek wel uitgelezen, dus daarom krijgt het boek van mij twee sterren, maar nee, dit is een van de slechtste boekenweekgeschenken die ik gelezen heb.

Christine Pullein-Thompson, Jessie

Beoordeling: 3 sterren

Het is een jeugdboek en het lastige bij jeugdboeken is altijd dat de tekst voor een ander lezerspubliek is bedoeld dan voor mij. Maar het ene kinderboek is het andere niet.

Jessie is een middenmoter. Het is voor kinderen vast een spannend boek, maar het einde is voor de meeste lezers (ook de jongere) nogal voorspelbaar. Je leeft wel mee met de hoofdspersonen en het is zeker een groot avontuur dat zowel Jessie als de verschillende basjes meemaken. Maar het is zeker niet het beste kinderboek dat ik ooit las. Het heeft natuurlijk wel de mooiste titel ooit 😉

 

Jan Hanlo, Tjielp tjielp

Beoordeling: 4 sterren

Jan Hanlo roept altijd vervreemding op. Bij leerlingen aan wie ik De mus of Oote voorlees, bij mezelf als ik het me hoor voordragen. De gedichten in Tjielp, tjelp zijn ook een beetje raar, maar wel interessant. De inleiding en verantwoording door Guus Middag zijn een mooi toevoeging aan deze bundel. Voor mensen die kennis willen maken met Jan Hanlo is dit een aanbeveling!

 

Hella S. Haasse, Dat weet ik zelf niet (boekenweekgeschenk 1959)

Beoordeling: 3 sterren

Dat weet ik zelf niet is geen onaardig essay. Zelfs voor een boekenweekgeschenk dat bijna 70 jaar oud is, is het bij vlagen nog herkenbaar in het nu. De jeugd van tegenwoordig is in elke tijd een dankbaar onderwerp. Echt spannend wordt het essay echter niet, de stijl wordt wat opsommerig en slechts een week na het lezen van de tekst is mij niet meer bijgebleven waar het nou allemaal precies over ging.

Edward van de Vendel, Een verhaal met een tong

Beoordeling: 1 ster

Een verhaal met een tong of zoals de ondertitel van dit boek had moeten luiden: Hoe een begenadigd kinderboekenschrijver een saai boek over een oversekste puber wist te schrijven. Het verhaal begint ergens in het niks en gaat ook nergens heen. Weggelegd, 1 ster!

Elisabeth de Jong-Keesing, De zalenman (boekenweekgeschenk 1960)

Beoordeling: 3 sterren

De zalenman is een ouder boekenweekgeschenk, een novelle uit de vooroorlogse traditie. De psychologische roman over een stervende patiënt in het ziekenhuis is een monologue interieur die aan de ene kant nogal saai lijkt, maar aan de andere kant genoeg weet te boeien om het boek vrij snel uit te lezen. Het tijdsbeeld dat het ziekenhuis uit het einde van de jaren ’50 oproept is mooi en wanneer de patiënt overlijdt aan het einde van het boek, voel je dat zelfs een beetje mee.

Hadewijch, Liefdesliederen

Beoordeling: 4 sterren

Hadewijch leefde in de 13e eeuw en als dan honderden jaren later je gedichten nog steeds worden herdrukt en heruitgegeven heb je iets moois geschreven. De gedichten zijn inderdaad nog steeds mooi en krachtig en de bewerking/hertaling is prima.

Maar als je vele gedichten achter elkaar leest, zie je ook wel dat heel veel gedichten erg op elkaar lijken en soms wat langdradig zijn. Een bundel dus om af en toe wat uit te lezen en dan weer even terzijde te leggen, maar dan kun je nog steeds genieten van 800 jaar oude poëzie.